Naar de inhoud

overlaten

erop vertrouwen dat een ander iets doet

overlaten is meer dan één woord

overlaten

werkwoord, zelfstandig naamwoord /'ovərlatə(n)/

Betekenis

  1. erop vertrouwen dat een ander iets doet
  2. maken dat er iets overblijft, niet compleet opgebruiken

Hoe spreek je overlaten uit?

/ˈovərlatən/

Overlaten bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈovərlatən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
o boot
v vis
ə de
r rood
l land
a maan
t tak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van overlaten

overlatenhele werkwoord — liet oververleden tijd enkelvoud — lieten oververleden tijd meervoud — overgelatenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik laat over liet over
jij laat over liet over
hij, zij, het laat over liet over
wij laten over lieten over
jullie laten over lieten over
zij laten over lieten over
Alle 144 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is overgelaten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was overgelaten impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd overgelaten impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt overgelaten impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal overgelaten worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal overgelaten zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou overgelaten worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou overgelaten zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had overgelaten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had overgelaten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had overgelaten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden overgelaten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden overgelaten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden overgelaten voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt overgelaten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overgelaten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
laat over gebiedende wijs
liet over verleden tijd
over te laten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
over te zullen laten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
over zal laten bijzin, toekomende tijd
over zou laten bijzin, voorwaardelijk
over zouden laten bijzin, voorwaardelijk
over zoudt laten bijzin, voorwaardelijk
over zullen laten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
over zullen laten bijzin, toekomende tijd
over zult laten bijzin, toekomende tijd
overgelaten verleden tijd, deelwoord
overgelaten te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
overgelaten te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
overgelaten te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overgelaten te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
overgelaten te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
overgelaten worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
overgelaten zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
overgelaten zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
overgelaten zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
overgelaten zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
overlaat bijzin, tegenwoordige tijd
overlatend onvoltooid, deelwoord
overliet bijzin, verleden tijd
overlieten bijzin, verleden tijd
te hebben overgelaten actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen overlaten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart overgelaten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren overgelaten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren overgelaten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren overgelaten voltooid, verleden tijd, derde persoon
was overgelaten voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was overgelaten voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was overgelaten voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt overgelaten enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word overgelaten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden overgelaten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden overgelaten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden overgelaten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt overgelaten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt overgelaten enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal overgelaten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal overgelaten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal overlaten bijzin, toekomende tijd
zijn overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt overgelaten voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou overlaten bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) overlaten over zou(dt) laten bijzin, voorwaardelijk
zouden overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden overlaten bijzin, voorwaardelijk
zoudt overgelaten hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overgelaten zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt overlaten bijzin, voorwaardelijk
zullen overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overgelaten zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen overgelaten zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen overgelaten zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen overlaten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen overlaten aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen overlaten bijzin, toekomende tijd
zult overgelaten hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult overgelaten worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord overlaat

Herkomst

samenstelling van over bw en laten ww

Woordfamilie van overlaten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
laat over gebiedende wijs overlaten
late over woordvorm overlaten
laten over aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon overlaten
liet over verleden tijd overlaten
lieten over aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon overlaten
overgelaten voltooid deelwoord overlaten
overgelatene obsolete overlaten
overlate with-subordinate-clause overlaten
overlatend onvoltooid deelwoord overlaten
overlatende woordvorm overlaten
overliet subordinate-clause, verleden tijd overlaten
overlieten subordinate-clause, verleden tijd overlaten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van overlaten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over overlaten

Hoe spreek ik overlaten uit?
Zo spreek je overlaten uit: /'ovərlatə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft.
Wat is de betekenis van overlaten?
Overlaten is een werkwoord. De betekenis is: erop vertrouwen dat een ander iets doet. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik overlaten?
Zo vervoeg je overlaten zo: het voltooid deelwoord is overgelaten. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord overlaten is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. L 3
  6. A 1
  7. T 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

overlaten levert met Wordfeud minimaal 16 en maximaal 72 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. V 4
  3. E 1
  4. R 2
  5. L 3
  6. A 1
  7. T 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 zonder bonus
  11. 72 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

overlaten in het kort

overlaten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van overlaten staan er 86 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort overlaten bij een woordfamilie van 12 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

overlaten: erop vertrouwen dat een ander iets doet
Deel overlaten — standaardnederlands.nl