Naar de inhoud

ontgiften

van gifstoffen ontdoen

ontgiften

werkwoord

Betekenis

  1. van gifstoffen ontdoen

Vervoeging van ontgiften

ontgiftenhele werkwoord — ontgiftteverleden tijd enkelvoud — ontgifttenverleden tijd meervoud — ontgiftvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik ontgift ontgiftte
jij ontgift ontgiftte
hij, zij, het ontgift ontgiftte
wij ontgiften ontgiftten
jullie ontgiften ontgiftten
zij ontgiften ontgiftten
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is ontgift impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was ontgift impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd ontgift impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt ontgift impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal ontgift worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal ontgift zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou ontgift worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou ontgift zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had ontgift voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had ontgift voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had ontgift voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden ontgift voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden ontgift voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden ontgift voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt ontgift voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ontgift actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
ontgift gebiedende wijs
ontgift verleden tijd, deelwoord
ontgift te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ontgift te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
ontgift te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontgift te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontgift te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
ontgift worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ontgift zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
ontgift zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontgift zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontgift zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
ontgifte aanvoegende wijs
ontgiftend onvoltooid, deelwoord
ontgiftte verleden tijd
te hebben ontgift actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te ontgiften actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen ontgiften actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart ontgift voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ontgift voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren ontgift voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren ontgift voltooid, verleden tijd, derde persoon
was ontgift voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was ontgift voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was ontgift voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt ontgift enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word ontgift enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden ontgift enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden ontgift enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden ontgift enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt ontgift enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt ontgift enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal ontgift zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal ontgift zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt ontgift voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt ontgift hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontgift zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontgift zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen ontgift zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen ontgift zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen ontgiften actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult ontgift hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontgift worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontgift zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult ontgiften aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van gift (vergif) met het voorvoegsel ont- en met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van ontgiften

Woordvorm Relatie Afgeleid van
ontgift voltooid deelwoord ontgiften
ontgifte aanvoegende wijs ontgiften
ontgiftend onvoltooid deelwoord ontgiften
ontgiftende woordvorm ontgiften
ontgiftte verleden tijd ontgiften
ontgiftten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon ontgiften

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van ontgiften zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over ontgiften

Wat betekent ontgiften?
Ontgiften is een werkwoord. Het woord betekent: van gifstoffen ontdoen.
Hoe vervoeg je ontgiften?
Je vervoegt ontgiften als volgt: de tegenwoordige tijd is ontgift, de verleden tijd is ontgiftte en het voltooid deelwoord is ontgift. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord ontgiften is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. G 3
  5. I 1
  6. F 4
  7. T 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

ontgiften levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. G 3
  5. I 2
  6. F 4
  7. T 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 zonder bonus
  11. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

ontgiften in het kort

ontgiften staat in dit woordenboek als werkwoord. Van ontgiften zijn 73 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort ontgiften bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

ontgiften: van gifstoffen ontdoen
Deel ontgiften — standaardnederlands.nl