Naar de inhoud

omhooghouden

zorgen dat iets niet naar beneden gaat, dat het hoog blijft

omhooghouden

werkwoord

Betekenis

  1. zorgen dat iets niet naar beneden gaat, dat het hoog blijft

Vervoeging van omhooghouden

omhooghoudenhele werkwoord — hield omhoogverleden tijd enkelvoud — hielden omhoogverleden tijd meervoud — omhooggehoudenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik hou omhoog hield omhoog
jij houdt omhoog hield omhoog
hij, zij, het houdt omhoog hield omhoog
wij houden omhoog hielden omhoog
jullie houden omhoog hielden omhoog
zij houden omhoog hielden omhoog
Alle 147 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is omhooggehouden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was omhooggehouden impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd omhooggehouden impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt omhooggehouden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal omhooggehouden worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal omhooggehouden zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou omhooggehouden worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou omhooggehouden zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had omhooggehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had omhooggehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had omhooggehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden omhooggehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden omhooggehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden omhooggehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt omhooggehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben omhooggehouden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hield omhoog verleden tijd
hou omhoog gebiedende wijs
houd omhoog gebiedende wijs
is omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
omhoog te houden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
omhoog te zullen houden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhoog zal houden bijzin, toekomende tijd
omhoog zou houden bijzin, voorwaardelijk
omhoog zouden houden bijzin, voorwaardelijk
omhoog zoudt houden bijzin, voorwaardelijk
omhoog zullen houden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhoog zullen houden bijzin, toekomende tijd
omhoog zult houden bijzin, toekomende tijd
omhooggehouden verleden tijd, deelwoord
omhooggehouden te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
omhooggehouden te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
omhooggehouden te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhooggehouden te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhooggehouden te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhooggehouden worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
omhooggehouden zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
omhooggehouden zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhooggehouden zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhooggehouden zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhooghield bijzin, verleden tijd
omhooghielden bijzin, verleden tijd
omhooghou bijzin, tegenwoordige tijd
omhooghoud bijzin, tegenwoordige tijd
omhooghoudend onvoltooid, deelwoord
omhooghoudt bijzin, tegenwoordige tijd
te hebben omhooggehouden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen omhooghouden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart omhooggehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren omhooggehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren omhooggehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren omhooggehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
was omhooggehouden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was omhooggehouden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was omhooggehouden voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt omhooggehouden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal omhooggehouden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhooggehouden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal omhooggehouden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal omhooggehouden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhooggehouden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal omhooghouden bijzin, toekomende tijd
zijn omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt omhooggehouden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou omhooghouden bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) omhooghouden omhoog zou(dt) houden bijzin, voorwaardelijk
zouden omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden omhooghouden bijzin, voorwaardelijk
zoudt omhooggehouden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhooggehouden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt omhooghouden bijzin, voorwaardelijk
zullen omhooggehouden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen omhooggehouden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen omhooggehouden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen omhooggehouden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen omhooggehouden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen omhooggehouden zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen omhooggehouden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen omhooghouden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen omhooghouden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon

Herkomst

samenstelling van omhoog en houden

Woordfamilie van omhooghouden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
hield omhoog verleden tijd omhooghouden
hielden omhoog aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon omhooghouden
hou omhoog gebiedende wijs omhooghouden
houd omhoog gebiedende wijs omhooghouden
houde omhoog woordvorm omhooghouden
houden omhoog aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon omhooghouden
houdt omhoog aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon omhooghouden
omhooggehouden voltooid deelwoord omhooghouden
omhooghield subordinate-clause, verleden tijd omhooghouden
omhooghielden subordinate-clause, verleden tijd omhooghouden
omhooghou subordinate-clause, tegenwoordige tijd omhooghouden
omhooghoud subordinate-clause, tegenwoordige tijd omhooghouden
omhooghoude with-subordinate-clause omhooghouden
omhooghoudend onvoltooid deelwoord omhooghouden
omhooghoudende woordvorm omhooghouden
omhooghoudt subordinate-clause, tegenwoordige tijd omhooghouden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omhooghouden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over omhooghouden

Wat betekent omhooghouden?
Omhooghouden is een werkwoord. Het woord betekent: zorgen dat iets niet naar beneden gaat, dat het hoog blijft.
Hoe vervoeg je omhooghouden?
Je vervoegt omhooghouden als volgt: het voltooid deelwoord is omhooggehouden. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord omhooghouden is 26 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. M 3
  3. H 4
  4. O 1
  5. O 1
  6. G 3
  7. H 4
  8. O 1
  9. U 4
  10. D 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 26 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

omhooghouden levert met Wordfeud minimaal 24 en maximaal 96 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. M 3
  3. H 4
  4. O 1
  5. O 1
  6. G 3
  7. H 4
  8. O 1
  9. U 2
  10. D 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 24 zonder bonus
  14. 96 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

omhooghouden in het kort

omhooghouden staat in dit woordenboek als werkwoord. Van omhooghouden zijn 90 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort omhooghouden bij een woordfamilie van 16 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

omhooghouden: zorgen dat iets niet naar beneden gaat, dat het hoog blijft
Deel omhooghouden — standaardnederlands.nl