Naar de inhoud

omhoogkijken

het hoofd in opwaartse richting bewegen om iets dat zich boven de waarnemer bevindt beter te kunnen zien

omhoogkijken

werkwoord

Betekenis

  1. het hoofd in opwaartse richting bewegen om iets dat zich boven de waarnemer bevindt beter te kunnen zien
  2. tweede betekenisomschrijving.
  3. enz.

werkwoord

  1. het hoofd of de ogen in opwaartse richting bewegen om iets dat zich boven de waarnemer bevindt beter te kunnen zien unergative

Vervoeging van omhoogkijken

omhoogkijkenhele werkwoord — keek omhoogverleden tijd enkelvoud — keken omhoogverleden tijd meervoud — omhooggekekenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kijk omhoog keek omhoog
jij kijkt omhoog keek omhoog
hij, zij, het kijkt omhoog keek omhoog
wij kijken omhoog keken omhoog
jullie kijken omhoog keken omhoog
zij kijken omhoog keken omhoog
Alle 74 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had omhooggekeken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had omhooggekeken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had omhooggekeken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden omhooggekeken voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden omhooggekeken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden omhooggekeken voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt omhooggekeken voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben omhooggekeken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft omhooggekeken voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
keek omhoog verleden tijd
kijk omhoog gebiedende wijs
omhoog te kijken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
omhoog te zullen kijken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhoog zal kijken bijzin, toekomende tijd
omhoog zou kijken bijzin, voorwaardelijk
omhoog zouden kijken bijzin, voorwaardelijk
omhoog zoudt kijken bijzin, voorwaardelijk
omhoog zullen kijken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhoog zullen kijken bijzin, toekomende tijd
omhoog zult kijken bijzin, toekomende tijd
omhooggekeken verleden tijd, deelwoord
omhooggekeken te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
omhooggekeken zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
omhoogkeek bijzin, verleden tijd
omhoogkeken bijzin, verleden tijd
omhoogkijk bijzin, tegenwoordige tijd
omhoogkijkend onvoltooid, deelwoord
omhoogkijkt bijzin, tegenwoordige tijd
te hebben omhooggekeken actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen omhoogkijken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal omhoogkijken bijzin, toekomende tijd
zou omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou omhoogkijken bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) omhoogkijken omhoog zou(dt) kijken bijzin, voorwaardelijk
zouden omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden omhoogkijken bijzin, voorwaardelijk
zoudt omhooggekeken hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt omhoogkijken bijzin, voorwaardelijk
zullen omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen omhoogkijken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen omhoogkijken bijzin, toekomende tijd
zult omhooggekeken hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult omhoogkijken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult omhoogkijken bijzin, toekomende tijd
zult/zal omhoogkijken omhoog zult/zal kijken bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van omhoog bw en kijken ww

Woordfamilie van omhoogkijken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
keek omhoog verleden tijd omhoogkijken
keken omhoog aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon omhoogkijken
kijk omhoog gebiedende wijs omhoogkijken
kijke omhoog woordvorm omhoogkijken
kijken omhoog aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon omhoogkijken
kijkt omhoog aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon omhoogkijken
omhooggekeken voltooid deelwoord omhoogkijken
omhoogkeek subordinate-clause, verleden tijd omhoogkijken
omhoogkeken subordinate-clause, verleden tijd omhoogkijken
omhoogkijk subordinate-clause, tegenwoordige tijd omhoogkijken
omhoogkijke with-subordinate-clause omhoogkijken
omhoogkijkend onvoltooid deelwoord omhoogkijken
omhoogkijkende woordvorm omhoogkijken
omhoogkijkt subordinate-clause, tegenwoordige tijd omhoogkijken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van omhoogkijken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over omhoogkijken

Wat is de betekenis van omhoogkijken?
Omhoogkijken is een werkwoord. De betekenis is: het hoofd in opwaartse richting bewegen om iets dat zich boven de waarnemer bevindt beter te kunnen zien. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik omhoogkijken?
Zo vervoeg je omhoogkijken zo: het voltooid deelwoord is omhooggekeken. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord omhoogkijken is 26 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. M 3
  3. H 4
  4. O 1
  5. O 1
  6. G 3
  7. K 3
  8. I 1
  9. J 4
  10. K 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 26 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

omhoogkijken levert met Wordfeud minimaal 27 en maximaal 105 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. M 3
  3. H 4
  4. O 1
  5. O 1
  6. G 3
  7. K 3
  8. I 2
  9. J 4
  10. K 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 27 zonder bonus
  14. 105 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

omhoogkijken in het kort

omhoogkijken staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van omhoogkijken staan er 45 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort omhoogkijken bij een woordfamilie van 14 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

omhoogkijken: het hoofd in opwaartse richting bewegen om iets dat zich boven de waarnemer bevindt beter te kunnen zien
Deel omhoogkijken — standaardnederlands.nl