Naar de inhoud

observeren

gericht via de zintuigen van iets kennis nemen

observeren

werkwoord

Betekenis

  1. gericht via de zintuigen van iets kennis nemen

Vervoeging van observeren

observerenhele werkwoord — observeerdeverleden tijd enkelvoud — observeerdenverleden tijd meervoud — geobserveerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik observeer observeerde
jij observeert observeerde
hij, zij, het observeert observeerde
wij observeren observeerden
jullie observeren observeerden
zij observeren observeerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is geobserveerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geobserveerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geobserveerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geobserveerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geobserveerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geobserveerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geobserveerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geobserveerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geobserveerd verleden tijd, deelwoord
geobserveerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geobserveerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
geobserveerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geobserveerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
geobserveerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geobserveerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geobserveerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
geobserveerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
geobserveerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
geobserveerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geobserveerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geobserveerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geobserveerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geobserveerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geobserveerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geobserveerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geobserveerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geobserveerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
observeer gebiedende wijs
observeerde verleden tijd
observere aanvoegende wijs
observerend onvoltooid, deelwoord
te hebben geobserveerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te observeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen observeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart geobserveerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geobserveerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren geobserveerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren geobserveerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was geobserveerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was geobserveerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was geobserveerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt geobserveerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal geobserveerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geobserveerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt geobserveerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geobserveerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt geobserveerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt observeren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen geobserveerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geobserveerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geobserveerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen observeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geobserveerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geobserveerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult geobserveerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult observeren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘waarnemen’ voor het eerst aangetroffen in 1524

Woordfamilie van observeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
observeer gebiedende wijs observeren
observeerde verleden tijd observeren
observeerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon observeren
observeert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon observeren
observere aanvoegende wijs observeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van observeren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over observeren

Wat betekent observeren?
Observeren is een werkwoord. Het woord betekent: gericht via de zintuigen van iets kennis nemen.
Hoe vervoeg je observeren?
Je vervoegt observeren als volgt: de tegenwoordige tijd is observeer, de verleden tijd is observeerde en het voltooid deelwoord is geobserveerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord observeren is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. O 1
  2. B 3
  3. S 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. V 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

observeren levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. O 1
  2. B 4
  3. S 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. V 4
  7. E 1
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 19 zonder bonus
  12. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

observeren in het kort

observeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van observeren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort observeren bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

observeren: gericht via de zintuigen van iets kennis nemen
Deel observeren — standaardnederlands.nl