Naar de inhoud

muilkorven

een hond een muilkorf aandoen om bijten onmogelijk te maken

muilkorven is meer dan één woord

muilkorven

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. een hond een muilkorf aandoen om bijten onmogelijk te maken
  2. overdrachtelijk iemand beletten te spreken

Vervoeging van muilkorven

muilkorvenhele werkwoord — muilkorfdeverleden tijd enkelvoud — muilkorfdenverleden tijd meervoud — gemuilkorfdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik muilkorf muilkorfde
jij muilkorft muilkorfde
hij, zij, het muilkorft muilkorfde
wij muilkorven muilkorfden
jullie muilkorven muilkorfden
zij muilkorven muilkorfden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gemuilkorfd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gemuilkorfd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gemuilkorfd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gemuilkorfd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gemuilkorfd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gemuilkorfd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gemuilkorfd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gemuilkorfd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gemuilkorfd verleden tijd, deelwoord
gemuilkorfd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gemuilkorfd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gemuilkorfd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemuilkorfd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemuilkorfd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemuilkorfd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gemuilkorfd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gemuilkorfd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gemuilkorfd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gemuilkorfd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemuilkorfd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
muilkorf gebiedende wijs
muilkorfde verleden tijd
muilkorve aanvoegende wijs
muilkorvend onvoltooid, deelwoord
te hebben gemuilkorfd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te muilkorven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen muilkorven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gemuilkorfd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gemuilkorfd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gemuilkorfd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemuilkorfd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gemuilkorfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gemuilkorfd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gemuilkorfd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gemuilkorfd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemuilkorfd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemuilkorfd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen muilkorven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gemuilkorfd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gemuilkorfd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gemuilkorfd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult muilkorven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord muilkorf

Herkomst

Afleiding van muilkorf met '-en'

Woordfamilie van muilkorven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gemuilkorfd voltooid deelwoord muilkorven
gemuilkorfde woordvorm muilkorven
muilkorfde verleden tijd muilkorven
muilkorfden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon muilkorven
muilkorft aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon muilkorven
muilkorve aanvoegende wijs muilkorven
muilkorvend onvoltooid deelwoord muilkorven
muilkorvende woordvorm muilkorven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van muilkorven zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over muilkorven

Wat betekent muilkorven?
Muilkorven is een werkwoord. Het woord betekent: een hond een muilkorf aandoen om bijten onmogelijk te maken. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je muilkorven?
Je vervoegt muilkorven als volgt: de tegenwoordige tijd is muilkorf, de verleden tijd is muilkorfde en het voltooid deelwoord is gemuilkorfd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord muilkorven is 23 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. U 4
  3. I 1
  4. L 3
  5. K 3
  6. O 1
  7. R 2
  8. V 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 23 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

muilkorven levert met Wordfeud minimaal 22 en maximaal 90 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. U 2
  3. I 2
  4. L 3
  5. K 3
  6. O 1
  7. R 2
  8. V 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 22 zonder bonus
  12. 90 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

muilkorven in het kort

muilkorven is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van muilkorven zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort muilkorven bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

muilkorven: een hond een muilkorf aandoen om bijten onmogelijk te maken
Deel muilkorven — standaardnederlands.nl