muilkorf
zelfstandig naamwoord, werkwoordBetekenis
- een leren of metalen korf die voor de bek van een dier gespannen wordt om bijten onmogelijk te maken
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| muilkorfje | verkleinwoord, enkelvoud |
| muilkorfjes | verkleinwoord, meervoud |
| muilkorven | meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van muilkorven
- gebiedende wijs van muilkorven
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van muilkorven
Vervoeging van muilkorf
muilkorfhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van muil en korf
Woordfamilie van muilkorf
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| muilkorfje | verkleinwoord | muilkorf |
| muilkorfjes | verkleinwoord meervoud | muilkorf |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van muilkorf zijn vastgelegd.