muilpeer
zelfstandig naamwoord ˈmœylperBetekenis
- klap in het gezicht
Hoe spreek je muilpeer uit?
/ˈmœylper/
Muilpeer bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| œy | huis |
| l | land |
| p | pak |
| e | veel |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| muilpeertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| muilpeertjes | verkleinwoord, meervoud |
| muilperen | meervoud |
Herkomst
samenstelling van muil zn "bek" en peer zn "klap" , in de betekenis van ‘klap in het gezicht’ aangetroffen vanaf 1530; net als oorvijg een van vele 'grappige' samenstellingen met vruchtennamen die in de 17e en 18e eeuw gangbaar waren voor dit begrip
Woordfamilie van muilpeer
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| muilpeertje | verkleinwoord | muilpeer |
| muilpeertjes | verkleinwoord meervoud | muilpeer |
| muilperen | meervoud | muilpeer |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van muilpeer zijn vastgelegd.