Naar de inhoud

monteren

de juiste beelden achter elkaar zetten

monteren

werkwoord

Betekenis

  1. de juiste beelden achter elkaar zetten
  2. ergens aan vastmaken
  3. uit losse (onder)delen in elkaar zetten

Vervoeging van monteren

monterenhele werkwoord — monteerdeverleden tijd enkelvoud — monteerdenverleden tijd meervoud — gemonteerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik monteer monteerde
jij monteert monteerde
hij, zij, het monteert monteerde
wij monteren monteerden
jullie monteren monteerden
zij monteren monteerden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gemonteerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gemonteerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gemonteerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gemonteerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gemonteerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gemonteerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gemonteerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gemonteerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gemonteerd verleden tijd, deelwoord
gemonteerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gemonteerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gemonteerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemonteerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemonteerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemonteerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gemonteerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gemonteerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gemonteerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gemonteerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gemonteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gemonteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gemonteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gemonteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gemonteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gemonteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gemonteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemonteerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
monteer gebiedende wijs
monteerde verleden tijd
montere aanvoegende wijs
monterend onvoltooid, deelwoord
te hebben gemonteerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te monteren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen monteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart gemonteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gemonteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gemonteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gemonteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gemonteerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gemonteerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gemonteerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gemonteerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gemonteerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemonteerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gemonteerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gemonteerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gemonteerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt monteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gemonteerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemonteerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemonteerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen monteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gemonteerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gemonteerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gemonteerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult monteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘in elkaar zetten’ voor het eerst aangetroffen in 1608

Woordfamilie van monteren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gemonteerd voltooid deelwoord monteren
gemonteerde woordvorm monteren
monteer gebiedende wijs monteren
monteerde verleden tijd monteren
monteerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon monteren
monteert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon monteren
monterend onvoltooid deelwoord monteren
monterende woordvorm monteren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van monteren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over monteren

Wat betekent monteren?
Monteren is een werkwoord. Het woord betekent: de juiste beelden achter elkaar zetten. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je monteren?
Je vervoegt monteren als volgt: de tegenwoordige tijd is monteer, de verleden tijd is monteerde en het voltooid deelwoord is gemonteerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord monteren is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. O 1
  3. N 1
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

monteren levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 54 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. O 1
  3. N 1
  4. T 2
  5. E 1
  6. R 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. 12 zonder bonus
  10. 54 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

monteren in het kort

monteren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van monteren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort monteren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

monteren: de juiste beelden achter elkaar zetten
Deel monteren — standaardnederlands.nl