Naar de inhoud

menen

de bedoeling hebben

menen

werkwoord /menə(n)/

Betekenis

  1. de bedoeling hebben
  2. serieus zijn
  3. denken, een mening toegedaan zijn

Hoe spreek je menen uit?

/menən/

Menen bestaat uit twee lettergrepen.

De tekens in /menən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
m maan
e veel
n nek
ə de

werkwoord

  1. bedoelen obsolete, transitive

Vervoeging van menen

menenhele werkwoord — meendeverleden tijd enkelvoud — meendenverleden tijd meervoud — gemeendvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik meen meende
jij meent meende
hij, zij, het meent meende
wij menen meenden
jullie menen meenden
zij menen meenden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gemeend verleden tijd, deelwoord
gemeend te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gemeend zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gemeend voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gemeend voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gemeend voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gemeend voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gemeend voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gemeend voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gemeend voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemeend actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gemeend voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
meen gebiedende wijs
meende verleden tijd
mene aanvoegende wijs
menend onvoltooid, deelwoord
te hebben gemeend actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te menen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen menen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gemeend hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt menen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen menen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gemeend hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult menen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘bedoelen, denken’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1265

Woordfamilie van menen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
meen gebiedende wijs menen
meende verleden tijd menen
meenden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon menen
menend onvoltooid deelwoord menen
menende woordvorm menen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van menen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over menen

Hoe spreek je menen uit?
De uitspraak van menen is: /menə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent menen?
Menen is een werkwoord. Het woord betekent: de bedoeling hebben. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je menen?
Je vervoegt menen als volgt: de tegenwoordige tijd is meen, de verleden tijd is meende en het voltooid deelwoord is gemeend. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord menen is 7 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. M 3
  2. E 1
  3. N 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. 7 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

menen levert met Wordfeud minimaal 7 en maximaal 39 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. M 3
  2. E 1
  3. N 1
  4. E 1
  5. N 1
  6. 7 zonder bonus
  7. 39 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (M) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

menen telt 5 letters, waarvan 3 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 6.487 woorden van 5 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

menen in het kort

menen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van menen zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort menen bij een woordfamilie van 5 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

menen: de bedoeling hebben
Deel menen — standaardnederlands.nl