machtig
bijvoeglijk naamwoord, werkwoord ˈmɑxtəxBetekenis
- meer invloed hebbend dan anderen
- zeer goed vullen
- heel mooi, heel leuk en indrukwekkend
Hoe spreek je machtig uit?
/ˈmɑxtəx/
Machtig bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| m | maan |
| ɑ | bad |
| x | acht |
| t | tak |
| ə | de |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| machtige | verbogen, stellende trap |
| machtiger | onverbogen, vergrotende trap |
| machtigere | verbogen, vergrotende trap |
| machtigers | partitief, vergrotende trap |
| machtigs | partitief, stellende trap |
| machtigst | onverbogen, overtreffende trap |
| machtigste | verbogen, overtreffende trap |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van machtigen
- gebiedende wijs van machtigen
- tweede persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van machtigen
Vervoeging van machtig
machtighele werkwoord
Herkomst
Afgeleid van macht met het achtervoegsel -ig
Woordfamilie van machtig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| machtiger | vergrotende trap | machtig |
| machtigere | verbogen vergrotende trap | machtig |
| machtigers | partitieve vergrotende trap | machtig |
| machtigs | partitive, positive | machtig |
| machtigst | uninflected, superlative | machtig |
| machtigste | inflected, superlative | machtig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van machtig zijn vastgelegd.