Naar de inhoud

interveniëren

zich mengen in een conflict of op een markt

interveniëren

werkwoord

Betekenis

  1. zich mengen in een conflict of op een markt

Vervoeging van interveniëren

interveniërenhele werkwoord — intervenieerdeverleden tijd enkelvoud — intervenieerdenverleden tijd meervoud — geïntervenieerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik intervenieer intervenieerde
jij intervenieert intervenieerde
hij, zij, het intervenieert intervenieerde
wij interveniëren intervenieerden
jullie interveniëren intervenieerden
zij interveniëren intervenieerden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is geïntervenieerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was geïntervenieerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd geïntervenieerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt geïntervenieerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal geïntervenieerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal geïntervenieerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou geïntervenieerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou geïntervenieerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
geïntervenieerd verleden tijd, deelwoord
geïntervenieerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
geïntervenieerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt geïntervenieerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geïntervenieerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft geïntervenieerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
intervenieer gebiedende wijs
intervenieerde verleden tijd
interveniëre aanvoegende wijs
interveniërend onvoltooid, deelwoord
te hebben geïntervenieerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te interveniëren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen interveniëren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt geïntervenieerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen interveniëren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult geïntervenieerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult interveniëren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Leenwoord uit het Frans, in de betekenis van ‘tussenbeide komen’ voor het eerst aangetroffen in 1669

Woordfamilie van interveniëren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
geïntervenieerd voltooid deelwoord interveniëren
intervenieer gebiedende wijs interveniëren
intervenieerde verleden tijd interveniëren
intervenieerden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon interveniëren
intervenieert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon interveniëren
interveniëre aanvoegende wijs interveniëren
interveniërend onvoltooid deelwoord interveniëren
interveniërende woordvorm interveniëren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van interveniëren zijn vastgelegd.

Verwante woorden

Veelgestelde vragen over interveniëren

Wat betekent interveniëren?
Interveniëren is een werkwoord. Het woord betekent: zich mengen in een conflict of op een markt.
Hoe vervoeg je interveniëren?
Je vervoegt interveniëren als volgt: de tegenwoordige tijd is intervenieer, de verleden tijd is intervenieerde en het voltooid deelwoord is geïntervenieerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord interveniëren is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. I 1
  2. N 1
  3. T 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. V 4
  7. E 1
  8. N 1
  9. I 1
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

interveniëren levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 87 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. I 2
  2. N 1
  3. T 2
  4. E 1
  5. R 2
  6. V 4
  7. E 1
  8. N 1
  9. I 2
  10. E 1
  11. R 2
  12. E 1
  13. N 1
  14. 21 zonder bonus
  15. 87 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

interveniëren in het kort

interveniëren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van interveniëren zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort interveniëren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

interveniëren: zich mengen in een conflict of op een markt
Deel interveniëren — standaardnederlands.nl