hulpbehoevend
bijvoeglijk naamwoordBetekenis
- afhankelijk zijn van hulp, onvoldoende zichzelf kunnen helpen
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| hulpbehoevende | verbogen, stellende trap |
| hulpbehoevender | onverbogen, vergrotende trap |
| hulpbehoevendere | verbogen, vergrotende trap |
| hulpbehoevenders | partitief, vergrotende trap |
| hulpbehoevends | partitief, stellende trap |
| hulpbehoevendst | onverbogen, overtreffende trap |
| hulpbehoevendste | verbogen, overtreffende trap |
Herkomst
samenstelling van hulp en behoevend
Woordfamilie van hulpbehoevend
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| hulpbehoevender | vergrotende trap | hulpbehoevend |
| hulpbehoevendere | verbogen vergrotende trap | hulpbehoevend |
| hulpbehoevenders | partitieve vergrotende trap | hulpbehoevend |
| hulpbehoevends | partitive, positive | hulpbehoevend |
| hulpbehoevendst | uninflected, superlative | hulpbehoevend |
| hulpbehoevendste | inflected, superlative | hulpbehoevend |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hulpbehoevend zijn vastgelegd.