Naar de inhoud

hoeken

(bij boksen) een hoekstoot toedienen aan

hoeken is meer dan één woord

hoeken

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. (bij boksen) een hoekstoot toedienen aan

werkwoord

  1. een hoekstoot toedienen aan transitive

Vervoeging van hoeken

hoekenhele werkwoord — hoekteverleden tijd enkelvoud — hoektenverleden tijd meervoud — gehoektvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik hoek hoekte
jij hoekt hoekte
hij, zij, het hoekt hoekte
wij hoeken hoekten
jullie hoeken hoekten
zij hoeken hoekten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gehoekt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gehoekt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gehoekt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gehoekt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gehoekt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gehoekt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gehoekt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gehoekt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gehoekt verleden tijd, deelwoord
gehoekt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehoekt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gehoekt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gehoekt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gehoekt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gehoekt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gehoekt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gehoekt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gehoekt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehoekt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehoekt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hoek gebiedende wijs
hoeke aanvoegende wijs
hoekend onvoltooid, deelwoord
hoekte verleden tijd
te hebben gehoekt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hoeken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen hoeken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gehoekt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt hoeken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen hoeken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gehoekt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult hoeken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord hoek

Herkomst

afgeleid van hoek met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van hoeken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gehoekt voltooid deelwoord hoeken
gehoekte woordvorm hoeken
hoeke aanvoegende wijs hoeken
hoekend onvoltooid deelwoord hoeken
hoekende woordvorm hoeken
hoekt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon hoeken
hoekte verleden tijd hoeken
hoekten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon hoeken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hoeken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over hoeken

Wat is de betekenis van hoeken?
Hoeken is een werkwoord. De betekenis is: (bij boksen) een hoekstoot toedienen aan. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik hoeken?
Zo vervoeg je hoeken zo: de tegenwoordige tijd is hoek, de verleden tijd is hoekte en het voltooid deelwoord is gehoekt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord hoeken is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. O 1
  3. E 1
  4. K 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

hoeken levert met Wordfeud minimaal 11 en maximaal 57 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. O 1
  3. E 1
  4. K 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 zonder bonus
  8. 57 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

hoeken telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

hoeken in het kort

hoeken is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van hoeken staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort hoeken bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

hoeken: (bij boksen) een hoekstoot toedienen aan
Deel hoeken — standaardnederlands.nl