Naar de inhoud

hacken

inbreken in een informatiesysteem (om gegevens te roven of te wijzigen)

hacken

werkwoord

Betekenis

  1. inbreken in een informatiesysteem (om gegevens te roven of te wijzigen)
  2. op creatieve wijze meer doen met techniek dan de makers zelf hadden bedacht, het opzoeken van de grenzen van het mogelijke en het verkennen van de ethische en maatschappelijke consequenties van de ontdekte mogelijkheden

Vervoeging van hacken

hackenhele werkwoord — hackteverleden tijd enkelvoud — hacktenverleden tijd meervoud — gehacktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik hack hackte
jij hackt hackte
hij, zij, het hackt hackte
wij hacken hackten
jullie hacken hackten
zij hacken hackten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gehackt verleden tijd, deelwoord
gehackt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gehackt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
hack gebiedende wijs
hacke aanvoegende wijs
hackend onvoltooid, deelwoord
hackte verleden tijd
had gehackt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gehackt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gehackt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gehackt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gehackt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gehackt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gehackt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehackt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gehackt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hacken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gehackt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen hacken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gehackt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt hacken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen hacken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gehackt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult hacken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

van het Engels

Woordfamilie van hacken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gehackt voltooid deelwoord hacken
gehackte woordvorm hacken
hacke aanvoegende wijs hacken
hackend onvoltooid deelwoord hacken
hackende woordvorm hacken
hackt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon hacken
hackte verleden tijd hacken
hackten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon hacken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van hacken zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over hacken

Wat betekent hacken?
Hacken is een werkwoord. Het woord betekent: inbreken in een informatiesysteem (om gegevens te roven of te wijzigen). Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je hacken?
Je vervoegt hacken als volgt: de tegenwoordige tijd is hack, de verleden tijd is hackte en het voltooid deelwoord is gehackt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord hacken is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. H 4
  2. A 1
  3. C 5
  4. K 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

hacken levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. H 4
  2. A 1
  3. C 5
  4. K 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 15 zonder bonus
  8. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

hacken telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

hacken in het kort

hacken staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van hacken zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort hacken bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

hacken: inbreken in een informatiesysteem (om gegevens te roven of te wijzigen)
Deel hacken — standaardnederlands.nl