haciënda
zelfstandig naamwoordBetekenis
- groot veeteeltbedrijf in Latijns-Amerika
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| haciënda's | meervoud |
Herkomst
Leenwoord uit het Spaans, in de betekenis van ‘landgoed in Midden- en Zuid-Amerika’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1863
Woordfamilie van haciënda
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| haciënda's | meervoud | haciënda |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van haciënda zijn vastgelegd.