Naar de inhoud

felsen

(metalen platen) omvouwen en vastslaan

felsen is meer dan één woord

felsen

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. (metalen platen) omvouwen en vastslaan

werkwoord

  1. omvouwen en vastslaan transitive

Vervoeging van felsen

felsenhele werkwoord — felsteverleden tijd enkelvoud — felstenverleden tijd meervoud — gefelstvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik fels felste
jij felst felste
hij, zij, het felst felste
wij felsen felsten
jullie felsen felsten
zij felsen felsten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gefelst impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gefelst impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gefelst impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gefelst impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gefelst worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gefelst zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gefelst worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gefelst zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
fels gebiedende wijs
felse aanvoegende wijs
felsend onvoltooid, deelwoord
felste verleden tijd
gefelst verleden tijd, deelwoord
gefelst te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gefelst zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gefelst voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gefelst voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gefelst voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gefelst voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gefelst voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gefelst voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gefelst voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefelst actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gefelst voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te felsen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben gefelst actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen felsen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt felsen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt gefelst hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen felsen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult felsen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult gefelst hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord fels

Herkomst

Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘metalen platen omvouwen en vastslaan’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1860

Woordfamilie van felsen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
felse aanvoegende wijs felsen
felsend onvoltooid deelwoord felsen
felsende woordvorm felsen
felsten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon felsen
gefelst voltooid deelwoord felsen
gefelste woordvorm felsen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van felsen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over felsen

Wat betekent felsen?
Felsen is een werkwoord. Het woord betekent: (metalen platen) omvouwen en vastslaan. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je felsen?
Je vervoegt felsen als volgt: de tegenwoordige tijd is fels, de verleden tijd is felste en het voltooid deelwoord is gefelst. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord felsen is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. F 4
  2. E 1
  3. L 3
  4. S 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

felsen levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 60 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. F 4
  2. E 1
  3. L 3
  4. S 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 60 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

felsen telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

felsen in het kort

felsen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van felsen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort felsen bij een woordfamilie van 6 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

felsen: (metalen platen) omvouwen en vastslaan
Deel felsen — standaardnederlands.nl