| - |
impersonal, passief
|
| ben gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| bent gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| er is gefaxt |
impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
|
| er was gefaxt |
impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
|
| er werd gefaxt |
impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
|
| er wordt gefaxt |
impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
|
| er zal gefaxt worden |
impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
|
| er zal gefaxt zijn |
impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
|
| er zou gefaxt worden |
impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
|
| er zou gefaxt zijn |
impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
|
| ev. |
gebiedende wijs
|
| fax |
gebiedende wijs
|
| faxe |
aanvoegende wijs
|
| faxend |
onvoltooid, deelwoord
|
| faxte |
verleden tijd
|
| gefaxt |
verleden tijd, deelwoord
|
| gefaxt te worden |
infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| gefaxt te zijn |
infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| gefaxt te zullen hebben |
actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| gefaxt te zullen worden |
infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| gefaxt te zullen zijn |
infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| gefaxt worden |
infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
|
| gefaxt zijn |
infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
|
| gefaxt zullen hebben |
actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| gefaxt zullen worden |
infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| gefaxt zullen zijn |
infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| had gefaxt |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| had gefaxt |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| had gefaxt |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| hadden gefaxt |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| hadden gefaxt |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| hadden gefaxt |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| hadt gefaxt |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| heb gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| hebben gefaxt |
actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
|
| hebben gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| hebben gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| hebben gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| hebt gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| heeft gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| heeft gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| is gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| is gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| te faxen |
actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| te hebben gefaxt |
actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
|
| te zullen faxen |
actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
|
| waart gefaxt |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| waren gefaxt |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| waren gefaxt |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| waren gefaxt |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| was gefaxt |
voltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| was gefaxt |
voltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| was gefaxt |
voltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| werd gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
|
| werd gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
|
| werd gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| werden gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
|
| werden gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
|
| werden gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
|
| werdt gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
|
| word gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| worden gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
|
| worden gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
|
| worden gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| wordt gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
|
| wordt gefaxt |
enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| zal faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
|
| zal faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
|
| zal faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
|
| zal gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zal gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zal gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zal gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zal gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
|
| zal gefaxt zijn |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zal gefaxt zijn |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zijn gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
|
| zijn gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| zijn gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
|
| zijt gefaxt |
voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
|
| zou faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
|
| zou faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
|
| zou faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
|
| zou gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zou gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zou gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zou gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zou gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
|
| zou gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zou gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zou gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zou gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zouden faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
|
| zouden faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
|
| zouden faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
|
| zouden gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zouden gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zouden gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zouden gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
|
| zouden gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
|
| zouden gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zouden gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
|
| zouden gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zouden gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
|
| zoudt faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
|
| zoudt gefaxt hebben |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zoudt gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zoudt gefaxt zijn |
voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
|
| zullen faxen |
actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
|
| zullen faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
|
| zullen faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
|
| zullen faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
|
| zullen gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zullen gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zullen gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zullen gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
|
| zullen gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
|
| zullen gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zullen gefaxt zijn |
voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
|
| zullen gefaxt zijn |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zullen gefaxt zijn |
voltooid, toekomende tijd, derde persoon
|
| zult faxen |
aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
|
| zult gefaxt hebben |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zult gefaxt worden |
enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|
| zult gefaxt zijn |
voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
|