fa
zelfstandig naamwoord faBetekenis
- een bepaalde muzieknoot
- de muziektoon “f” ook “fa”
- boom
- hout
- geleden
- dat, maar
- vierde toon van een hexachord
- vier
- vier; twee plus twee
- sterven
Hoe spreek je fa uit?
/fa/
Fa bestaat uit één lettergreep.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| f | fiets |
| a | maan |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| fa's | meervoud |
| faatje | verkleinwoord, enkelvoud |
| faatjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
In de betekenis van ‘muzieknoot’ voor het eerst aangetroffen in 1350
Woordfamilie van fa
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| fa's | meervoud | fa |
| faatje | verkleinwoord | fa |
| faatjes | verkleinwoord meervoud | fa |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van fa zijn vastgelegd.