enig
bijvoeglijk naamwoord, onbepaald voornaamwoord ˈenəxBetekenis
- leuk, aardig, schattig
- uniek
- een kleine mate
- het maakt niet uit welk
Hoe spreek je enig uit?
/ˈenəx/
Enig bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| e | veel |
| n | nek |
| ə | de |
| x | acht |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
bijvoeglijk naamwoord
- enig kind: kind zonder broers of zussen
Verbuiging en vervoeging (bijvoeglijk naamwoord)
Herkomst
In de betekenis van ‘onbepaald voornaamwoord’ voor het eerst aangetroffen in 1230
Woordfamilie van enig
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| eniger | vergrotende trap | enig |
| enigers | partitieve vergrotende trap | enig |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van enig zijn vastgelegd.