Naar de inhoud

doorslikken

door te slikken uit de mondholte verwijderen

doorslikken

werkwoord ˈdorslɪkə(n)

Betekenis

  1. door te slikken uit de mondholte verwijderen
  2. tweede betekenisomschrijving
  3. enz.

Hoe spreek je doorslikken uit?

/ˈdorslɪkən/

Doorslikken bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈdorslɪkən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
d dak
o boot
r rood
s sok
l land
ɪ pit
k kat
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van doorslikken

doorslikkenhele werkwoord — slikte doorverleden tijd enkelvoud — slikten doorverleden tijd meervoud — doorgesliktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik slik door slikte door
jij slikt door slikte door
hij, zij, het slikt door slikte door
wij slikken door slikten door
jullie slikken door slikten door
zij slikken door slikten door
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
door te slikken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
door te zullen slikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
door zal slikken bijzin, toekomende tijd
door zou slikken bijzin, voorwaardelijk
door zouden slikken bijzin, voorwaardelijk
door zoudt slikken bijzin, voorwaardelijk
door zullen slikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
door zullen slikken bijzin, toekomende tijd
door zult slikken bijzin, toekomende tijd
doorgeslikt verleden tijd, deelwoord
doorgeslikt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
doorgeslikt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
doorgeslikt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorgeslikt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorgeslikt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
doorgeslikt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorgeslikt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
doorgeslikt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorgeslikt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorgeslikt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
doorslik bijzin, tegenwoordige tijd
doorslikkend onvoltooid, deelwoord
doorslikt bijzin, tegenwoordige tijd
doorslikte bijzin, verleden tijd
doorslikten bijzin, verleden tijd
er is doorgeslikt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was doorgeslikt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd doorgeslikt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt doorgeslikt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal doorgeslikt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal doorgeslikt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou doorgeslikt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou doorgeslikt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had doorgeslikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had doorgeslikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had doorgeslikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden doorgeslikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden doorgeslikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden doorgeslikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt doorgeslikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorgeslikt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
slik door gebiedende wijs
slikte door verleden tijd
te hebben doorgeslikt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen doorslikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart doorgeslikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren doorgeslikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren doorgeslikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren doorgeslikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was doorgeslikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was doorgeslikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was doorgeslikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt doorgeslikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal doorgeslikt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal doorgeslikt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal doorslikken bijzin, toekomende tijd
zijn doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt doorgeslikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou doorslikken bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) doorslikken door zou(dt) slikken bijzin, voorwaardelijk
zouden doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden doorslikken bijzin, voorwaardelijk
zoudt doorgeslikt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt doorgeslikt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt doorslikken bijzin, voorwaardelijk
zullen doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen doorgeslikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen doorgeslikt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen doorgeslikt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen doorgeslikt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen doorslikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen doorslikken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen doorslikken bijzin, toekomende tijd
zult doorgeslikt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van door bw en slikken ww

Woordfamilie van doorslikken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
doorgeslikt voltooid deelwoord doorslikken
doorgeslikte woordvorm doorslikken
doorslik subordinate-clause, tegenwoordige tijd doorslikken
doorslikke with-subordinate-clause doorslikken
doorslikkend onvoltooid deelwoord doorslikken
doorslikkende woordvorm doorslikken
doorslikt subordinate-clause, tegenwoordige tijd doorslikken
doorslikte subordinate-clause, verleden tijd doorslikken
doorslikten subordinate-clause, verleden tijd doorslikken
slik door gebiedende wijs doorslikken
slikke door woordvorm doorslikken
slikken door aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon doorslikken
slikt door aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon doorslikken
slikte door verleden tijd doorslikken
slikten door aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon doorslikken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van doorslikken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over doorslikken

Hoe spreek ik doorslikken uit?
Zo spreek je doorslikken uit: /ˈdorslɪkə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van doorslikken?
Doorslikken is een werkwoord. De betekenis is: door te slikken uit de mondholte verwijderen. In totaal staan er 3 betekenissen.
Hoe vervoeg ik doorslikken?
Zo vervoeg je doorslikken zo: het voltooid deelwoord is doorgeslikt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord doorslikken is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. D 2
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. S 2
  6. L 3
  7. I 1
  8. K 3
  9. K 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

doorslikken levert met Wordfeud minimaal 21 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. D 2
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. S 2
  6. L 3
  7. I 2
  8. K 3
  9. K 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 21 zonder bonus
  13. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

doorslikken in het kort

doorslikken staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 3 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van doorslikken staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort doorslikken bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

doorslikken: door te slikken uit de mondholte verwijderen
Deel doorslikken — standaardnederlands.nl