Naar de inhoud

bijeenroepen

aanspreken om zich te groeperen

bijeenroepen

werkwoord

Betekenis

  1. aanspreken om zich te groeperen

Vervoeging van bijeenroepen

bijeenroepenhele werkwoord — riep bijeenverleden tijd enkelvoud — riepen bijeenverleden tijd meervoud — bijeengeroepenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik roep bijeen riep bijeen
jij roept bijeen riep bijeen
hij, zij, het roept bijeen riep bijeen
wij roepen bijeen riepen bijeen
jullie roepen bijeen riepen bijeen
zij roepen bijeen riepen bijeen
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
bijeen te roepen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bijeen te zullen roepen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bijeen zal roepen bijzin, toekomende tijd
bijeen zou roepen bijzin, voorwaardelijk
bijeen zouden roepen bijzin, voorwaardelijk
bijeen zoudt roepen bijzin, voorwaardelijk
bijeen zullen roepen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bijeen zullen roepen bijzin, toekomende tijd
bijeen zult roepen bijzin, toekomende tijd
bijeengeroepen verleden tijd, deelwoord
bijeengeroepen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bijeengeroepen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bijeengeroepen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bijeengeroepen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bijeengeroepen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bijeengeroepen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bijeengeroepen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bijeengeroepen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bijeengeroepen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bijeengeroepen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bijeenriep bijzin, verleden tijd
bijeenriepen bijzin, verleden tijd
bijeenroep bijzin, tegenwoordige tijd
bijeenroepend onvoltooid, deelwoord
bijeenroept bijzin, tegenwoordige tijd
er is bijeengeroepen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was bijeengeroepen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd bijeengeroepen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt bijeengeroepen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal bijeengeroepen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal bijeengeroepen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou bijeengeroepen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou bijeengeroepen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bijeengeroepen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
riep bijeen verleden tijd
roep bijeen gebiedende wijs
te hebben bijeengeroepen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bijeenroepen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bijeengeroepen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bijeengeroepen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bijeengeroepen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bijeengeroepen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal bijeenroepen bijzin, toekomende tijd
zijn bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bijeengeroepen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou bijeenroepen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) bijeenroepen bijeen zou(dt) roepen bijzin, voorwaardelijk
zouden bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden bijeenroepen bijzin, voorwaardelijk
zoudt bijeengeroepen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bijeengeroepen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt bijeenroepen bijzin, voorwaardelijk
zullen bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bijeengeroepen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bijeengeroepen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bijeengeroepen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bijeengeroepen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bijeenroepen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bijeenroepen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen bijeenroepen bijzin, toekomende tijd
zult bijeengeroepen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van bijeen bw en roepen ww

Woordfamilie van bijeenroepen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
bijeengeroepen voltooid deelwoord bijeenroepen
bijeenriep subordinate-clause, verleden tijd bijeenroepen
bijeenriepen subordinate-clause, verleden tijd bijeenroepen
bijeenroep subordinate-clause, tegenwoordige tijd bijeenroepen
bijeenroepe with-subordinate-clause bijeenroepen
bijeenroepend onvoltooid deelwoord bijeenroepen
bijeenroepende woordvorm bijeenroepen
bijeenroept subordinate-clause, tegenwoordige tijd bijeenroepen
riep bijeen verleden tijd bijeenroepen
riepen bijeen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bijeenroepen
roep bijeen gebiedende wijs bijeenroepen
roepe bijeen woordvorm bijeenroepen
roepen bijeen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon bijeenroepen
roept bijeen aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bijeenroepen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bijeenroepen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bijeenroepen

Wat betekent bijeenroepen?
Bijeenroepen is een werkwoord. Het woord betekent: aanspreken om zich te groeperen.
Hoe vervoeg je bijeenroepen?
Je vervoegt bijeenroepen als volgt: het voltooid deelwoord is bijeengeroepen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bijeenroepen is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. I 1
  3. J 4
  4. E 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. R 2
  8. O 1
  9. E 1
  10. P 3
  11. E 1
  12. N 1
  13. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bijeenroepen levert met Wordfeud minimaal 23 en maximaal 93 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. I 2
  3. J 4
  4. E 1
  5. E 1
  6. N 1
  7. R 2
  8. O 1
  9. E 1
  10. P 4
  11. E 1
  12. N 1
  13. 23 zonder bonus
  14. 93 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (B) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bijeenroepen in het kort

bijeenroepen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van bijeenroepen zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort bijeenroepen bij een woordfamilie van 14 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

bijeenroepen: aanspreken om zich te groeperen
Deel bijeenroepen — standaardnederlands.nl