Naar de inhoud

bezielen

inspireren

bezielen

werkwoord bəˈzilə(n)

Betekenis

  1. inspireren
  2. tot leven wekken
  3. wat bezielt jou?: waarom doe je zoiets geks

Hoe spreek je bezielen uit?

/bəˈzilən/

Bezielen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.

De tekens in /bəˈzilən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
b bak
ə de
z zon
i riet
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van bezielen

bezielenhele werkwoord — bezieldeverleden tijd enkelvoud — bezieldenverleden tijd meervoud — bezieldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik beziel bezielde
jij bezielt bezielde
hij, zij, het bezielt bezielde
wij bezielen bezielden
jullie bezielen bezielden
zij bezielen bezielden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben bezield voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
beziel gebiedende wijs
bezield verleden tijd, deelwoord
bezield te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bezield te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
bezield te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezield te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezield te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
bezield worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bezield zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
bezield zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezield zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezield zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
bezielde verleden tijd
beziele aanvoegende wijs
bezielend onvoltooid, deelwoord
er is bezield impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was bezield impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd bezield impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt bezield impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal bezield worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal bezield zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou bezield worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou bezield zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had bezield voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had bezield voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had bezield voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden bezield voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden bezield voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden bezield voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt bezield voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb bezield voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bezield actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben bezield voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben bezield voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft bezield voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is bezield voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te bezielen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben bezield actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen bezielen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart bezield voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bezield voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren bezield voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren bezield voltooid, verleden tijd, derde persoon
was bezield voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was bezield voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was bezield voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt bezield enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word bezield enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden bezield enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden bezield enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden bezield enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt bezield enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt bezield enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal bezield hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezield hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal bezield hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bezield worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezield worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal bezield zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal bezield zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn bezield voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn bezield voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt bezield voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt bezield hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezield worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezield zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt bezielen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen bezield hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bezield hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bezield hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezield worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bezield worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bezield worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezield zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen bezield zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen bezield zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen bezielen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult bezield hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezield worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezield zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult bezielen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van ziel met het voorvoegsel be-

Woordfamilie van bezielen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
beziel gebiedende wijs bezielen
bezielden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon bezielen
beziele aanvoegende wijs bezielen
bezielt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon bezielen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bezielen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over bezielen

Hoe spreek je bezielen uit?
De uitspraak van bezielen is: /bəˈzilə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent bezielen?
Bezielen is een werkwoord. Het woord betekent: inspireren. Deze pagina beschrijft 3 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je bezielen?
Je vervoegt bezielen als volgt: de tegenwoordige tijd is beziel, de verleden tijd is bezielde en het voltooid deelwoord is bezield. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Rijmwoordenboek: wat rijmt er op bezielen?

Bezielen rijmt op 20 woorden op -ielen; knielen, allerzielen en vernielen bijvoorbeeld. Ze klinken vanaf de beklemtoonde lettergreep hetzelfde, niet alleen op de laatste letters.

Rijmwoorden op bezielen, uitspraak bəˈzilən, de gangbaarste eerst.
Rijmwoord Lettergrepen
knielen 2
allerzielen 4
vernielen 3
pielen 2
arctofielen 4
cartofielen 4
christenzielen 4
cinematofielen 6
claustrofielen 4
communiezielen 5
debielen 3
elektrofielen 5
hielen 2
kerkasielen 5
prielen 2
racismeknielen 5
sjlemielen 3
stripofielen 4
wielen 2
xenofielen 4

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord bezielen is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. B 3
  2. E 1
  3. Z 4
  4. I 1
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

bezielen levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. B 4
  2. E 1
  3. Z 5
  4. I 2
  5. E 1
  6. L 3
  7. E 1
  8. N 1
  9. 18 zonder bonus
  10. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

bezielen in het kort

bezielen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 3 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van bezielen zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort bezielen bij een woordfamilie van 4 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

bezielen: inspireren
Deel bezielen — standaardnederlands.nl