bewonderen
werkwoord bəˈwɔndərə(n)Betekenis
- bekijken met respect, iets zo goed vinden dat je het haast een wonder vindt
- iets heel mooi vinden
Hoe spreek je bewonderen uit?
/bəˈwɔndərən/
Bewonderen bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de tweede.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| b | bak |
| ə | de |
| w | quiz |
| ɔ | bot |
| n | nek |
| d | dak |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van bewonderen
bewonderenhele werkwoord — bewonderdeverleden tijd enkelvoud — bewonderdenverleden tijd meervoud — bewonderdvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | bewonder | bewonderde |
| jij | bewondert | bewonderde |
| hij, zij, het | bewondert | bewonderde |
| wij | bewonderen | bewonderden |
| jullie | bewonderen | bewonderden |
| zij | bewonderen | bewonderden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| bewonder | gebiedende wijs |
| bewonderd | verleden tijd, deelwoord |
| bewonderd te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| bewonderd te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| bewonderd te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| bewonderd te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| bewonderd te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| bewonderd worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| bewonderd zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| bewonderd zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| bewonderd zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| bewonderd zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| bewonderde | verleden tijd |
| bewondere | aanvoegende wijs |
| bewonderend | onvoltooid, deelwoord |
| er is bewonderd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was bewonderd | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd bewonderd | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt bewonderd | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal bewonderd worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal bewonderd zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou bewonderd worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou bewonderd zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had bewonderd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had bewonderd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had bewonderd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden bewonderd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden bewonderd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden bewonderd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt bewonderd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben bewonderd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te bewonderen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te hebben bewonderd | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen bewonderen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart bewonderd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren bewonderd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren bewonderd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren bewonderd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was bewonderd | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was bewonderd | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was bewonderd | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt bewonderd | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal bewonderd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal bewonderd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt bewonderd | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt bewonderd hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt bewonderd zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen bewonderd zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen bewonderd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen bewonderd zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen bewonderen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult bewonderd hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult bewonderd worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult bewonderd zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult bewonderen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
Leenwoord uit het Duits, in de betekenis van ‘eerbied hebben’ voor het eerst aangetroffen in 1827
Woordfamilie van bewonderen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| bewonder | gebiedende wijs | bewonderen |
| bewonderd | voltooid deelwoord | bewonderen |
| bewonderde | verleden tijd | bewonderen |
| bewonderden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | bewonderen |
| bewondere | aanvoegende wijs | bewonderen |
| bewondert | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | bewonderen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van bewonderen zijn vastgelegd.