Naar de inhoud

aannaaien

door naaien vastmaken

aannaaien

werkwoord ˈannajə(n)

Betekenis

  1. door naaien vastmaken

Hoe spreek je aannaaien uit?

/ˈannajən/

Aannaaien bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈannajən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
a maan
n nek
j ja
ə de
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van aannaaien

aannaaienhele werkwoord — naaide aanverleden tijd enkelvoud — naaiden aanverleden tijd meervoud — aangenaaidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik naai aan naaide aan
jij naait aan naaide aan
hij, zij, het naait aan naaide aan
wij naaien aan naaiden aan
jullie naaien aan naaiden aan
zij naaien aan naaiden aan
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
aan te naaien actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aan te zullen naaien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aan zal naaien bijzin, toekomende tijd
aan zou naaien bijzin, voorwaardelijk
aan zouden naaien bijzin, voorwaardelijk
aan zoudt naaien bijzin, voorwaardelijk
aan zullen naaien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aan zullen naaien bijzin, toekomende tijd
aan zult naaien bijzin, toekomende tijd
aangenaaid verleden tijd, deelwoord
aangenaaid te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangenaaid te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangenaaid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangenaaid te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangenaaid te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangenaaid worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangenaaid zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangenaaid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangenaaid zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangenaaid zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aannaai bijzin, tegenwoordige tijd
aannaaide bijzin, verleden tijd
aannaaiden bijzin, verleden tijd
aannaaiend onvoltooid, deelwoord
aannaait bijzin, tegenwoordige tijd
ben aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is aangenaaid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was aangenaaid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd aangenaaid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt aangenaaid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal aangenaaid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal aangenaaid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou aangenaaid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou aangenaaid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had aangenaaid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had aangenaaid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had aangenaaid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden aangenaaid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden aangenaaid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden aangenaaid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt aangenaaid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangenaaid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
naai aan gebiedende wijs
naaide aan verleden tijd
te hebben aangenaaid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen aannaaien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart aangenaaid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangenaaid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren aangenaaid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangenaaid voltooid, verleden tijd, derde persoon
was aangenaaid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was aangenaaid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was aangenaaid voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt aangenaaid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal aangenaaid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangenaaid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal aannaaien bijzin, toekomende tijd
zijn aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt aangenaaid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou aannaaien bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) aannaaien aan zou(dt) naaien bijzin, voorwaardelijk
zouden aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden aannaaien bijzin, voorwaardelijk
zoudt aangenaaid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangenaaid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt aannaaien bijzin, voorwaardelijk
zullen aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aangenaaid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangenaaid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangenaaid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangenaaid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aannaaien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aannaaien aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen aannaaien bijzin, toekomende tijd
zult aangenaaid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van aan vz en naaien ww

Woordfamilie van aannaaien

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aangenaaid voltooid deelwoord aannaaien
aangenaaide woordvorm aannaaien
aannaai subordinate-clause, tegenwoordige tijd aannaaien
aannaaide subordinate-clause, verleden tijd aannaaien
aannaaiden subordinate-clause, verleden tijd aannaaien
aannaaie with-subordinate-clause aannaaien
aannaaiend onvoltooid deelwoord aannaaien
aannaaiende woordvorm aannaaien
aannaait subordinate-clause, tegenwoordige tijd aannaaien
naai aan gebiedende wijs aannaaien
naaide aan verleden tijd aannaaien
naaiden aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon aannaaien
naaie aan woordvorm aannaaien
naaien aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon aannaaien
naait aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon aannaaien

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aannaaien zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over aannaaien

Hoe spreek ik aannaaien uit?
Zo spreek je aannaaien uit: /ˈannajə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van aannaaien?
Aannaaien is een werkwoord. De betekenis is: door naaien vastmaken.
Hoe vervoeg ik aannaaien?
Zo vervoeg je aannaaien zo: het voltooid deelwoord is aangenaaid. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord aannaaien is 9 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. A 1
  6. A 1
  7. I 1
  8. E 1
  9. N 1
  10. 9 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

aannaaien levert met Wordfeud minimaal 10 en maximaal 42 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. N 1
  5. A 1
  6. A 1
  7. I 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 10 zonder bonus
  11. 42 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (I) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

aannaaien in het kort

aannaaien staat in dit woordenboek als werkwoord. Van aannaaien staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort aannaaien bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

aannaaien: door naaien vastmaken
Deel aannaaien — standaardnederlands.nl