Naar de inhoud

aankloppen

kloppen om binnen te komen

aankloppen

werkwoord ˈaŋklɔpə(n)

Betekenis

  1. kloppen om binnen te komen
  2. bij: hulp vragen aan
  3. door kloppen vaster maken

Hoe spreek je aankloppen uit?

/ˈaŋklɔpən/

Aankloppen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈaŋklɔpən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
a maan
ŋ ding
k kat
l land
ɔ bot
p pak
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

werkwoord

  1. ~ bij: hulp vragen aan

Vervoeging van aankloppen

aankloppenhele werkwoord — klopte aanverleden tijd enkelvoud — klopten aanverleden tijd meervoud — aangekloptvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik klop aan klopte aan
jij klopt aan klopte aan
hij, zij, het klopt aan klopte aan
wij kloppen aan klopten aan
jullie kloppen aan klopten aan
zij kloppen aan klopten aan
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
aan te kloppen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aan te zullen kloppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aan zal kloppen bijzin, toekomende tijd
aan zou kloppen bijzin, voorwaardelijk
aan zouden kloppen bijzin, voorwaardelijk
aan zoudt kloppen bijzin, voorwaardelijk
aan zullen kloppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aan zullen kloppen bijzin, toekomende tijd
aan zult kloppen bijzin, toekomende tijd
aangeklopt verleden tijd, deelwoord
aangeklopt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangeklopt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
aangeklopt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangeklopt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangeklopt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
aangeklopt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangeklopt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
aangeklopt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangeklopt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
aangeklopt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
aanklop bijzin, tegenwoordige tijd
aankloppend onvoltooid, deelwoord
aanklopt bijzin, tegenwoordige tijd
aanklopte bijzin, verleden tijd
aanklopten bijzin, verleden tijd
ben aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is aangeklopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was aangeklopt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd aangeklopt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt aangeklopt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal aangeklopt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal aangeklopt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou aangeklopt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou aangeklopt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had aangeklopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had aangeklopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had aangeklopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden aangeklopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden aangeklopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden aangeklopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt aangeklopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangeklopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
klop aan gebiedende wijs
klopte aan verleden tijd
te hebben aangeklopt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen aankloppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
waart aangeklopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangeklopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren aangeklopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren aangeklopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was aangeklopt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was aangeklopt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was aangeklopt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt aangeklopt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal aangeklopt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal aangeklopt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal aankloppen bijzin, toekomende tijd
zijn aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt aangeklopt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou aankloppen bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) aankloppen aan zou(dt) kloppen bijzin, voorwaardelijk
zouden aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden aankloppen bijzin, voorwaardelijk
zoudt aangeklopt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aangeklopt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt aankloppen bijzin, voorwaardelijk
zullen aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aangeklopt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aangeklopt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen aangeklopt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen aangeklopt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen aankloppen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen aankloppen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen aankloppen bijzin, toekomende tijd
zult aangeklopt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van aan vz en kloppen ww

Woordfamilie van aankloppen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
aangeklopt voltooid deelwoord aankloppen
aangeklopte woordvorm aankloppen
aanklop subordinate-clause, tegenwoordige tijd aankloppen
aankloppe with-subordinate-clause aankloppen
aankloppend onvoltooid deelwoord aankloppen
aankloppende woordvorm aankloppen
aanklopt subordinate-clause, tegenwoordige tijd aankloppen
aanklopte subordinate-clause, verleden tijd aankloppen
aanklopten subordinate-clause, verleden tijd aankloppen
klop aan gebiedende wijs aankloppen
kloppe aan woordvorm aankloppen
kloppen aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon aankloppen
klopt aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon aankloppen
klopte aan verleden tijd aankloppen
klopten aan aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon aankloppen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van aankloppen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over aankloppen

Hoe spreek ik aankloppen uit?
Zo spreek je aankloppen uit: /ˈaŋklɔpə(n)/. Dat is de weergave in het internationaal fonetisch alfabet, waarin elke klank een eigen teken heeft. Het streepje ˈ markeert de klemtoon: die ligt op de eerste lettergreep.
Wat is de betekenis van aankloppen?
Aankloppen is een werkwoord. De betekenis is: kloppen om binnen te komen. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik aankloppen?
Zo vervoeg je aankloppen zo: het voltooid deelwoord is aangeklopt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord aankloppen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. K 3
  5. L 3
  6. O 1
  7. P 3
  8. P 3
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

aankloppen levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. A 1
  2. A 1
  3. N 1
  4. K 3
  5. L 3
  6. O 1
  7. P 4
  8. P 4
  9. E 1
  10. N 1
  11. 20 zonder bonus
  12. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

aankloppen in het kort

aankloppen staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van aankloppen staan er 88 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort aankloppen bij een woordfamilie van 15 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

aankloppen: kloppen om binnen te komen
Deel aankloppen — standaardnederlands.nl