Naar de inhoud

zwikken

knakken

zwikken is meer dan één woord

zwikken

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. knakken
  2. een verdraaiing of verstuiking verkrijgen
  3. een bepaald kaartspel spelen
  4. het op de leest vormen van de schoen

Vervoeging van zwikken

zwikkenhele werkwoord — zwikteverleden tijd enkelvoud — zwiktenverleden tijd meervoud — gezwiktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik zwik zwikte
jij zwikt zwikte
hij, zij, het zwikt zwikte
wij zwikken zwikten
jullie zwikken zwikten
zij zwikken zwikten
Alle 99 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is gezwikt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gezwikt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gezwikt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gezwikt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gezwikt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gezwikt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gezwikt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gezwikt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gezwikt verleden tijd, deelwoord
gezwikt te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gezwikt te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
gezwikt te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezwikt te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezwikt te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezwikt worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gezwikt zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
gezwikt zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
gezwikt zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
gezwikt zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
is gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te zijn gezwikt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen zwikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
te zwikken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
waart gezwikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gezwikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gezwikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gezwikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gezwikt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gezwikt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gezwikt voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt gezwikt enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word gezwikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden gezwikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden gezwikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden gezwikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt gezwikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt gezwikt enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gezwikt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gezwikt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt gezwikt zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt zwikken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen zwikken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gezwikt worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult gezwikt zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult zwikken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zwik gebiedende wijs
zwikke aanvoegende wijs
zwikkend onvoltooid, deelwoord
zwikte verleden tijd

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord zwik

Herkomst

In de betekenis van ‘kansspel met kaarten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1906

Woordfamilie van zwikken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gezwikt voltooid deelwoord zwikken
gezwikte woordvorm zwikken
zwikke aanvoegende wijs zwikken
zwikkend onvoltooid deelwoord zwikken
zwikkende woordvorm zwikken
zwikt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon zwikken
zwikte verleden tijd zwikken
zwikten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon zwikken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zwikken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over zwikken

Wat is de betekenis van zwikken?
Zwikken is een werkwoord. De betekenis is: knakken. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik zwikken?
Zo vervoeg je zwikken zo: de tegenwoordige tijd is zwik, de verleden tijd is zwikte en het voltooid deelwoord is gezwikt. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zwikken is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. W 5
  3. I 1
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zwikken levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 130 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. W 5
  3. I 2
  4. K 3
  5. K 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 20 zonder bonus
  9. 130 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

zwikken telt 7 letters, waarvan 6 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

zwikken in het kort

zwikken is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van zwikken staan er 60 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort zwikken bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

zwikken: knakken
Deel zwikken — standaardnederlands.nl