Naar de inhoud

zwellen

in volume toenemen

zwellen

werkwoord

Betekenis

  1. in volume toenemen

Vervoeging van zwellen

zwellenhele werkwoord — zwolverleden tijd enkelvoud — zwollenverleden tijd meervoud — gezwollenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik zwel zwol
jij zwelt zwol
hij, zij, het zwelt zwol
wij zwellen zwollen
jullie zwellen zwollen
zij zwellen zwollen
Alle 56 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ben gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
ev. gebiedende wijs
gezwollen verleden tijd, deelwoord
gezwollen te zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gezwollen zullen zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
is gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te zijn gezwollen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen zwellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
te zwellen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
waart gezwollen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gezwollen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren gezwollen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren gezwollen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was gezwollen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was gezwollen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was gezwollen voltooid, verleden tijd, derde persoon
zal gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn gezwollen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt gezwollen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gezwollen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt zwellen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen zwellen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gezwollen zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult zwellen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zwel gebiedende wijs
zwelle aanvoegende wijs
zwellend onvoltooid, deelwoord
zwol verleden tijd

Herkomst

In de betekenis van ‘uitzetten’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1240

Woordfamilie van zwellen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
zwel gebiedende wijs zwellen
zwelle aanvoegende wijs zwellen
zwellend onvoltooid deelwoord zwellen
zwellende woordvorm zwellen
zwelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon zwellen
zwol verleden tijd zwellen
zwollen aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon zwellen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van zwellen zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over zwellen

Wat betekent zwellen?
Zwellen is een werkwoord. Het woord betekent: in volume toenemen.
Hoe vervoeg je zwellen?
Je vervoegt zwellen als volgt: de tegenwoordige tijd is zwel, de verleden tijd is zwol en het voltooid deelwoord is gezwollen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord zwellen is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. Z 4
  2. W 5
  3. E 1
  4. L 3
  5. L 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

zwellen levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 127 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. Z 5
  2. W 5
  3. E 1
  4. L 3
  5. L 3
  6. E 1
  7. N 1
  8. 19 zonder bonus
  9. 127 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (Z) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus, plus 40 punten omdat alle zeven stenen van het rek gebruikt worden.

zwellen telt 7 letters, waarvan 5 verschillende, want 2 letters komen er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 21.717 woorden van 7 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

zwellen in het kort

zwellen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van zwellen zijn 34 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort zwellen bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

zwellen: in volume toenemen
Deel zwellen — standaardnederlands.nl