Naar de inhoud

welven

het geleidelijk buigen van een gebogen oppervlak

welven

werkwoord

Betekenis

  1. het geleidelijk buigen van een gebogen oppervlak
  2. (Gebouwen, vertrekken e.d.) van een gewelf voorzien. Ook in fig. verband
  3. zich ~: een lichte boogvorm vertonen, zich buigen, een boog maken

werkwoord

  1. van een gewelf voorzien. Ook in fig. verband

Vervoeging van welven

welvenhele werkwoord — welfdeverleden tijd enkelvoud — welfdenverleden tijd meervoud — gewelfdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik welf welfde
jij welft welfde
hij, zij, het welft welfde
wij welven welfden
jullie welven welfden
zij welven welfden
Alle 89 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
gewelfd verleden tijd, deelwoord
gewelfd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gewelfd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gewelfd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gewelfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gewelfd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gewelfd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gewelfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gewelfd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gewelfd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gewelfd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gewelfd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben gewelfd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te welven actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen welven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
welf gebiedende wijs
welf me eerste persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
welf u/je , welft je gebiedende wijs
welfde verleden tijd
welfde je tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
welfde me eerste persoon, verleden tijd, enkelvoud
welfde u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
welfde u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
welfde zich derde persoon, verleden tijd, enkelvoud
welfde zich/u tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
welfde zich/u tweede persoon, verleden tijd, meervoud
welfden je tweede persoon, verleden tijd, meervoud
welfden ons eerste persoon, verleden tijd, meervoud
welfden zich derde persoon, verleden tijd, meervoud
welft je tweede persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
welft u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
welft u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
welft zich derde persoon, tegenwoordige tijd, enkelvoud
welft zich/u tweede persoon, verleden tijd, enkelvoud
welft zich/u tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
welve aanvoegende wijs
welve zich aanvoegende wijs
welven je tweede persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
welven ons eerste persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
welven zich derde persoon, tegenwoordige tijd, meervoud
welvend onvoltooid, deelwoord
zal gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal me welven eerste persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal zich welven derde persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zal, zult je welven tweede persoon, toekomende tijd, enkelvoud
zich gewelfd hebben verleden tijd
zich welvend onvoltooid, deelwoord
zou gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gewelfd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt welven aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen je welven tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen ons welven eerste persoon, toekomende tijd, meervoud
zullen welven actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen zich welven derde persoon, toekomende tijd, meervoud
zult gewelfd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult u welven tweede persoon
zult u welven tweede persoon, toekomende tijd, meervoud
zult welven aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult zich/u welven tweede persoon
zult zich/u welven tweede persoon, toekomende tijd, meervoud

Herkomst

In de betekenis van ‘zich buigen’ voor het eerst aangetroffen in 1285

Woordfamilie van welven

Woordvorm Relatie Afgeleid van
welf gebiedende wijs welven
welfde verleden tijd welven
welfden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon welven
welft aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon welven
welve aanvoegende wijs welven
welvend onvoltooid deelwoord welven
welvende woordvorm welven

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van welven zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over welven

Wat is de betekenis van welven?
Welven is een werkwoord. De betekenis is: het geleidelijk buigen van een gebogen oppervlak. In totaal staan er 4 betekenissen.
Hoe vervoeg ik welven?
Zo vervoeg je welven zo: de tegenwoordige tijd is welf, de verleden tijd is welfde en het voltooid deelwoord is gewelfd. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord welven is 15 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. W 5
  2. E 1
  3. L 3
  4. V 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 15 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

welven levert met Wordfeud minimaal 15 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. W 5
  2. E 1
  3. L 3
  4. V 4
  5. E 1
  6. N 1
  7. 15 zonder bonus
  8. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

welven telt 6 letters, waarvan 5 verschillende, want één letter komt er dubbel in voor. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

welven in het kort

welven staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 4 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van welven staan er 60 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort welven bij een woordfamilie van 7 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

welven: het geleidelijk buigen van een gebogen oppervlak
Deel welven — standaardnederlands.nl