wegslaan
werkwoord ˈwɛxslanBetekenis
- door geweld van zijn plaats gerukt worden
- door slaan verwijderen, verdrijven
- door slaan wegnemen
Hoe spreek je wegslaan uit?
/ˈwɛxslan/
Wegslaan bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| ɛ | bed |
| x | acht |
| s | sok |
| l | land |
| a | maan |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van wegslaan
wegslaanhele werkwoord — sloeg wegverleden tijd enkelvoud — sloegen wegverleden tijd meervoud — weggeslagenvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | sla weg | sloeg weg |
| jij | slaat weg | sloeg weg |
| hij, zij, het | slaat weg | sloeg weg |
| wij | slaan weg | sloegen weg |
| jullie | slaan weg | sloegen weg |
| zij | slaan weg | sloegen weg |
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is weggeslagen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was weggeslagen | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd weggeslagen | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt weggeslagen | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal weggeslagen worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal weggeslagen zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou weggeslagen worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou weggeslagen zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| had weggeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had weggeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had weggeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden weggeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden weggeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden weggeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt weggeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben weggeslagen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| sla weg | gebiedende wijs |
| sloeg weg | verleden tijd |
| te hebben weggeslagen | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen wegslaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart weggeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren weggeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren weggeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren weggeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was weggeslagen | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was weggeslagen | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was weggeslagen | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| weg te slaan | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| weg te zullen slaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weg zal slaan | bijzin, toekomende tijd |
| weg zou slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| weg zouden slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| weg zoudt slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| weg zullen slaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| weg zullen slaan | bijzin, toekomende tijd |
| weg zult slaan | bijzin, toekomende tijd |
| weggeslagen | verleden tijd, deelwoord |
| weggeslagen te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| weggeslagen te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| weggeslagen te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weggeslagen te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weggeslagen te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| weggeslagen worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| weggeslagen zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| weggeslagen zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| weggeslagen zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| weggeslagen zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| wegsla | bijzin, tegenwoordige tijd |
| wegslaand | onvoltooid, deelwoord |
| wegslaat | bijzin, tegenwoordige tijd |
| wegsloeg | bijzin, verleden tijd |
| wegsloegen | bijzin, verleden tijd |
| werd weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt weggeslagen | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal weggeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal weggeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zal wegslaan | bijzin, toekomende tijd |
| zijn weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt weggeslagen | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zou wegslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zou(dt) wegslaan weg zou(dt) slaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zouden weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zouden wegslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zoudt weggeslagen hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt weggeslagen zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zoudt wegslaan | bijzin, voorwaardelijk |
| zullen weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen weggeslagen worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen weggeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen weggeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen weggeslagen zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen wegslaan | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen wegslaan | aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zullen wegslaan | bijzin, toekomende tijd |
| zult weggeslagen hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
Herkomst
samenstelling van weg en slaan
Woordfamilie van wegslaan
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| sla weg | gebiedende wijs | wegslaan |
| slaan weg | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon | wegslaan |
| slaat weg | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | wegslaan |
| sloeg weg | verleden tijd | wegslaan |
| sloegen weg | aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | wegslaan |
| weggeslagen | voltooid deelwoord | wegslaan |
| wegsla | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | wegslaan |
| wegslaand | onvoltooid deelwoord | wegslaan |
| wegslaande | woordvorm | wegslaan |
| wegslaat | subordinate-clause, tegenwoordige tijd | wegslaan |
| wegsloeg | subordinate-clause, verleden tijd | wegslaan |
| wegsloegen | subordinate-clause, verleden tijd | wegslaan |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van wegslaan zijn vastgelegd.