weder
zelfstandig naamwoord, bijwoord /ˈwedər/Betekenis
- (in samenstellingen) nog een keer, wederom, van voren af aan
- (in samenstellingen) tegen, terug (wederspraak, wedervraag)
Hoe spreek je weder uit?
/ˈwedər/
Weder bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| w | quiz |
| e | veel |
| d | dak |
| ə | de |
| r | rood |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
zelfstandig naamwoord — neuter
- weer (de atmosferische omstandigheden) obsolete
- weer (een gesneden ram of geitenbok) obsolete
bijwoord
- nogmaals, opnieuw, weer obsolete
- nog een keer, wederom, van voren af aan
- tegen, terug (wederspraak, wedervraag)
Herkomst
In de betekenis van ‘bijwoord van tijd: opnieuw’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 901