Naar de inhoud

voorkomen

met regelmaat ergens te vinden zijn

voorkomen is meer dan één woord

voorkomen

werkwoord, zelfstandig naamwoord /'vɔːr.ko.mə(n)/

Betekenis

  1. met regelmaat ergens te vinden zijn
  2. voor het gerecht verschijnen
  3. soms gebeuren
  4. dunken, toeschijnen
  5. ervoor zorgen dat iets niet gebeurt.
  6. hoe men eruitziet

Hoe spreek je voorkomen uit?

/ˈvɔrkomən/

Voorkomen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈvɔrkomən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ɔ bot
r rood
k kat
o boot
m maan
ə de
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van voorkomen

voorkomenhele werkwoord — kwam voorverleden tijd enkelvoud — kwamen voorverleden tijd meervoud — voorgekomenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kom voor kwam voor
jij komt voor kwaamt voor
hij, zij, het komt voor kwam voor
wij komen voor kwamen voor
jullie komen voor kwamen voor
zij komen voor kwamen voor
Alle 177 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is voorgekomen impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid
er is voorkomen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was voorgekomen impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid
er was voorkomen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd voorgekomen impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid
er werd voorkomen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt voorgekomen impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid
er wordt voorkomen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal voorgekomen worden impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal voorgekomen zijn impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid
er zal voorkomen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal voorkomen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou voorgekomen worden impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid
er zou voorgekomen zijn impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid
er zou voorkomen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou voorkomen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben voorgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben voorkomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kom voor gebiedende wijs
kwam voor verleden tijd
te hebben voorkomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben/zijn voorgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te voorkomen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen voorkomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
voor te komen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
voor te zullen komen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
voor zal komen bijzin, toekomende tijd
voor zou komen bijzin, voorwaardelijk
voor zouden komen bijzin, voorwaardelijk
voor zoudt komen bijzin, voorwaardelijk
voor zullen komen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
voor zullen komen bijzin, toekomende tijd
voor zult komen bijzin, toekomende tijd
voorgekomen verleden tijd, deelwoord
voorgekomen te zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorgekomen zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkom gebiedende wijs
voorkom bijzin, tegenwoordige tijd
voorkome aanvoegende wijs
voorkomen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
voorkomen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
voorkomen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorkomen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorkomen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorkomen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
voorkomen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
voorkomen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkomen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkomen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkomend onvoltooid, deelwoord
voorkomt bijzin, tegenwoordige tijd
voorkwaamt bijzin, verleden tijd
voorkwam bijzin, verleden tijd
voorkwamen bijzin, verleden tijd
vóórkomen canonical
waart voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal voorkomen bijzin, toekomende tijd
zal voorkomen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal voorkomen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal voorkomen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal voorkomen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal voorkomen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn voorgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou voorkomen bijzin, voorwaardelijk
zou voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou voorkomen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou voorkomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou voorkomen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) voorkomen voor zou(dt) komen bijzin, voorwaardelijk
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden voorkomen bijzin, voorwaardelijk
zouden voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon

Woordvorm

  • ervoor zorgen dat iets niet gebeurt.
  • voltooid deelwoord van voorkomen

Vervoeging van voorkomen

voorkomenhele werkwoord — kwam voorverleden tijd enkelvoud — kwamen voorverleden tijd meervoud — voorgekomenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik kom voor kwam voor
jij komt voor kwaamt voor
hij, zij, het komt voor kwam voor
wij komen voor kwamen voor
jullie komen voor kwamen voor
zij komen voor kwamen voor
Alle 178 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is voorgekomen impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon, voltooid
er is voorkomen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was voorgekomen impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, derde persoon, voltooid
er was voorkomen impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd voorgekomen impersonal, passief, voltooid, verleden tijd, eerste persoon, onvoltooid
er werd voorkomen impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt voorgekomen impersonal, passief, voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon, onvoltooid
er wordt voorkomen impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal voorgekomen worden impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, eerste persoon, onvoltooid
er zal voorgekomen zijn impersonal, passief, voltooid, toekomende tijd, derde persoon, voltooid
er zal voorkomen worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal voorkomen zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou voorgekomen worden impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon, onvoltooid
er zou voorgekomen zijn impersonal, passief, voltooid, voorwaardelijk, derde persoon, voltooid
er zou voorkomen worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou voorkomen zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben voorgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben voorkomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
kom voor gebiedende wijs
te hebben voorkomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te hebben/zijn voorgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te voorkomen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen voorkomen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
voor te komen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
voor te zullen komen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
voor zal komen bijzin, toekomende tijd
voor zou komen bijzin, voorwaardelijk
voor zouden komen bijzin, voorwaardelijk
voor zoudt komen bijzin, voorwaardelijk
voor zullen komen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
voor zullen komen bijzin, toekomende tijd
voor zult komen bijzin, toekomende tijd
voorgekomen verleden tijd, deelwoord
voorgekomen te zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorgekomen zullen hebben/zijn actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkom gebiedende wijs
voorkom bijzin, tegenwoordige tijd
voorkome aanvoegende wijs
voorkomen verleden tijd, deelwoord
voorkomen te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
voorkomen te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
voorkomen te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorkomen te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorkomen te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
voorkomen worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
voorkomen zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
voorkomen zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkomen zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkomen zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
voorkomend onvoltooid, deelwoord
voorkomt bijzin, tegenwoordige tijd
voorkwaamt bijzin, verleden tijd
voorkwam verleden tijd
voorkwam bijzin, verleden tijd
voorkwamen bijzin, verleden tijd
voorkómen canonical
waart voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
was voorkomen voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was voorkomen voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was voorkomen voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt voorkomen enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt voorkomen enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal voorkomen bijzin, toekomende tijd
zal voorkomen hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal voorkomen hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal voorkomen hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal voorkomen zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal voorkomen zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn voorgekomen actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
zijn voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt voorkomen voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou voorkomen bijzin, voorwaardelijk
zou voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou voorkomen worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou voorkomen zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou voorkomen zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou voorkomen zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) voorkomen voor zou(dt) komen bijzin, voorwaardelijk
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden voorkomen aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden voorkomen bijzin, voorwaardelijk
zouden voorkomen hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon

Herkomst

samenstelling van voor bw en komen ww **"voorkómen" als voltooid deelwoord: vervoeging van voorkomen: de stam met de uitgang -en, zonder ge- vanwege voorvoegsel (is gelijk aan de onbepaalde wijs)

Woordfamilie van voorkomen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
kom voor gebiedende wijs voorkomen
kome voor woordvorm voorkomen
komen voor aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon voorkomen
komt voor aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon voorkomen
kwam voor verleden tijd voorkomen
kwamen voor aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon voorkomen
voorgekomen voltooid deelwoord voorkomen
voorkom subordinate-clause, tegenwoordige tijd voorkomen
voorkome aanvoegende wijs voorkomen
voorkomens meervoud voorkomen
voorkomt subordinate-clause, tegenwoordige tijd voorkomen
voorkwam subordinate-clause, verleden tijd voorkomen
voorkwamen subordinate-clause, verleden tijd voorkomen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van voorkomen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over voorkomen

Hoe spreek je voorkomen uit?
De uitspraak van voorkomen is: /'vɔːr.ko.mə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent voorkomen?
Voorkomen is een werkwoord. Het woord betekent: met regelmaat ergens te vinden zijn. Deze pagina beschrijft 6 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je voorkomen?
Je vervoegt voorkomen als volgt: de tegenwoordige tijd is voorkom, de verleden tijd is voorkwam en het voltooid deelwoord is voorgekomen. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spreekwoorden en gezegden met voorkomen

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord voorkomen is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. K 3
  6. O 1
  7. M 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

voorkomen levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. O 1
  3. O 1
  4. R 2
  5. K 3
  6. O 1
  7. M 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 zonder bonus
  11. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

voorkomen in het kort

voorkomen is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Hierboven staan 6 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van voorkomen zijn 107 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort voorkomen bij een woordfamilie van 13 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

voorkomen: met regelmaat ergens te vinden zijn
Deel voorkomen — standaardnederlands.nl