vetoën
werkwoord ˈvetowə(n)Betekenis
- gebruik maken van het recht om een besluit tegen te houden
- niet toestaan dat anderen doen wat ze van plan zijn, een voornemen of kandidatuur tegenhouden
Hoe spreek je vetoën uit?
/ˈvetowən/
Vetoën bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| v | vis |
| e | veel |
| t | tak |
| o | boot |
| w | quiz |
| ə | de |
| n | nek |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Vervoeging van vetoën
vetoënhele werkwoord — vetodeverleden tijd enkelvoud — vetodenverleden tijd meervoud — gevetoodvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | veto | vetode |
| jij | vetoot | vetode |
| hij, zij, het | vetoot | vetode |
| wij | vetoën | vetoden |
| jullie | vetoën | vetoden |
| zij | vetoën | vetoden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gevetood | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gevetood | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gevetood | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gevetood | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gevetood worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gevetood zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gevetood worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gevetood zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gevetood | verleden tijd, deelwoord |
| gevetood te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gevetood te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gevetood te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gevetood te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gevetood te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gevetood worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gevetood zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gevetood zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gevetood zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gevetood zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gevetood | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gevetood | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gevetood | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gevetood | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gevetood | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gevetood | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gevetood | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gevetood | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| te hebben gevetood | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te vetoën | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen vetoën | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| veto | gebiedende wijs |
| vetode | verleden tijd |
| vetoë | aanvoegende wijs |
| vetoënd | onvoltooid, deelwoord |
| waart gevetood | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gevetood | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gevetood | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gevetood | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gevetood | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gevetood | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gevetood | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gevetood | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gevetood | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gevetood | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gevetood | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gevetood | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gevetood | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gevetood | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gevetood zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gevetood zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gevetood | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gevetood hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gevetood zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gevetood zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gevetood zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gevetood zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen vetoën | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gevetood hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gevetood worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gevetood zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult vetoën | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Herkomst
afgeleid van veto zn met het achtervoegsel -en
Woordfamilie van vetoën
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| gevetood | voltooid deelwoord | vetoën |
| vetode | verleden tijd | vetoën |
| vetoden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | vetoën |
| vetoot | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | vetoën |
| vetoë | aanvoegende wijs | vetoën |
| vetoënd | onvoltooid deelwoord | vetoën |
| vetoënde | woordvorm | vetoën |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van vetoën zijn vastgelegd.