Naar de inhoud

verstarren

star of vast worden

verstarren

werkwoord

Betekenis

  1. star of vast worden
  2. overdrachtelijk verharden gewoonlijk van gelaatstrekken of blik
  3. tweede betekenisomschrijving.
  4. enz.

Vervoeging van verstarren

verstarrenhele werkwoord — verstardeverleden tijd enkelvoud — verstardenverleden tijd meervoud — verstardvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verstar verstarde
jij verstart verstarde
hij, zij, het verstart verstarde
wij verstarren verstarden
jullie verstarren verstarden
zij verstarren verstarden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had verstard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verstard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verstard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verstard voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verstard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verstard voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verstard voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verstard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verstard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verstard voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verstard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verstard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verstard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verstard voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verstard voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verstard actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verstarren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verstarren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstar gebiedende wijs
verstard verleden tijd, deelwoord
verstard te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verstard zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verstarde verleden tijd
verstarre aanvoegende wijs
verstarrend onvoltooid, deelwoord
zal verstard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verstard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verstard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verstard hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verstarren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verstard hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verstard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verstard hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verstarren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verstard hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verstarren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

Afgeleid van star met het voorvoegsel ver- met het achtervoegsel -en

Woordfamilie van verstarren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verstar gebiedende wijs verstarren
verstard voltooid deelwoord verstarren
verstarde verleden tijd verstarren
verstarden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verstarren
verstarre aanvoegende wijs verstarren
verstarrend onvoltooid deelwoord verstarren
verstarrende woordvorm verstarren
verstart aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verstarren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verstarren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verstarren

Wat betekent verstarren?
Verstarren is een werkwoord. Het woord betekent: star of vast worden. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je verstarren?
Je vervoegt verstarren als volgt: de tegenwoordige tijd is verstar, de verleden tijd is verstarde en het voltooid deelwoord is verstard. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verstarren is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. A 1
  7. R 2
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verstarren levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. T 2
  6. A 1
  7. R 2
  8. R 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 zonder bonus
  12. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verstarren in het kort

verstarren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van verstarren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verstarren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verstarren: star of vast worden
Deel verstarren — standaardnederlands.nl