Naar de inhoud

verschroeien

het verbranden van materiaal zonder aanwezigheid van vuur

verschroeien

werkwoord

Betekenis

  1. het verbranden van materiaal zonder aanwezigheid van vuur

Vervoeging van verschroeien

verschroeienhele werkwoord — verschroeideverleden tijd enkelvoud — verschroeidenverleden tijd meervoud — verschroeidvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verschroei verschroeide
jij verschroeit verschroeide
hij, zij, het verschroeit verschroeide
wij verschroeien verschroeiden
jullie verschroeien verschroeiden
zij verschroeien verschroeiden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verschroeid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verschroeid impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verschroeid impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verschroeid impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verschroeid worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verschroeid zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verschroeid worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verschroeid zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verschroeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verschroeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verschroeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verschroeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verschroeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verschroeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verschroeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verschroeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verschroeid actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verschroeien actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verschroeien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschroei gebiedende wijs
verschroeid verleden tijd, deelwoord
verschroeid te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verschroeid te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verschroeid te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschroeid te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschroeid te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verschroeid worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verschroeid zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verschroeid zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verschroeid zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verschroeid zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verschroeide verleden tijd
verschroeie aanvoegende wijs
verschroeiend onvoltooid, deelwoord
waart verschroeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verschroeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verschroeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verschroeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verschroeid voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verschroeid voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verschroeid voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verschroeid enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verschroeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verschroeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verschroeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verschroeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verschroeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verschroeid enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verschroeid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verschroeid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verschroeid voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verschroeid hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verschroeid zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verschroeid zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verschroeid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verschroeid zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verschroeien actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verschroeid hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verschroeid worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verschroeid zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verschroeien aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van schroeien met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verschroeien

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verschroei gebiedende wijs verschroeien
verschroeid voltooid deelwoord verschroeien
verschroeide verleden tijd verschroeien
verschroeiden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verschroeien
verschroeie aanvoegende wijs verschroeien
verschroeiend onvoltooid deelwoord verschroeien
verschroeiende woordvorm verschroeien
verschroeit aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verschroeien

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verschroeien zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verschroeien

Wat betekent verschroeien?
Verschroeien is een werkwoord. Het woord betekent: het verbranden van materiaal zonder aanwezigheid van vuur.
Hoe vervoeg je verschroeien?
Je vervoegt verschroeien als volgt: de tegenwoordige tijd is verschroei, de verleden tijd is verschroeide en het voltooid deelwoord is verschroeid. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verschroeien is 25 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. R 2
  8. O 1
  9. E 1
  10. I 1
  11. E 1
  12. N 1
  13. 25 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verschroeien levert met Wordfeud minimaal 26 en maximaal 108 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. S 2
  5. C 5
  6. H 4
  7. R 2
  8. O 1
  9. E 1
  10. I 2
  11. E 1
  12. N 1
  13. 26 zonder bonus
  14. 108 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verschroeien in het kort

verschroeien staat in dit woordenboek als werkwoord. Van verschroeien zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verschroeien bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verschroeien: het verbranden van materiaal zonder aanwezigheid van vuur
Deel verschroeien — standaardnederlands.nl