Naar de inhoud

veroveren

een gebied door een militaire operatie in zijn macht nemen

veroveren

werkwoord /vərovərə(n)/

Betekenis

  1. een gebied door een militaire operatie in zijn macht nemen

Hoe spreek je veroveren uit?

/vərovərən/

Veroveren bestaat uit vier lettergrepen.

De tekens in /vərovərən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
ə de
r rood
o boot
n nek

werkwoord

  1. verwerven figuratively

Vervoeging van veroveren

veroverenhele werkwoord — veroverdeverleden tijd enkelvoud — veroverdenverleden tijd meervoud — veroverdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verover veroverde
jij verovert veroverde
hij, zij, het verovert veroverde
wij veroveren veroverden
jullie veroveren veroverden
zij veroveren veroverden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is veroverd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was veroverd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd veroverd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt veroverd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal veroverd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal veroverd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou veroverd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou veroverd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had veroverd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had veroverd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had veroverd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden veroverd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden veroverd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden veroverd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt veroverd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben veroverd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben veroverd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te veroveren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen veroveren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verover gebiedende wijs
veroverd verleden tijd, deelwoord
veroverd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
veroverd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
veroverd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
veroverd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
veroverd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
veroverd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
veroverd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
veroverd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
veroverd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
veroverd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
veroverde verleden tijd
verovere aanvoegende wijs
veroverend onvoltooid, deelwoord
waart veroverd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren veroverd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren veroverd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren veroverd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was veroverd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was veroverd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was veroverd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt veroverd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word veroverd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden veroverd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden veroverd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden veroverd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt veroverd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt veroverd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal veroverd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal veroverd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zijn veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt veroverd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt veroverd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt veroverd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt veroveren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen veroverd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen veroverd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen veroverd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen veroveren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult veroverd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult veroverd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult veroverd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult veroveren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘bemachtigen’ voor het eerst aangetroffen in 1526

Woordfamilie van veroveren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verover gebiedende wijs veroveren
veroverd voltooid deelwoord veroveren
veroverde verleden tijd veroveren
veroverden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon veroveren
verovere aanvoegende wijs veroveren
veroverend onvoltooid deelwoord veroveren
veroverende woordvorm veroveren
verovert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon veroveren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van veroveren zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over veroveren

Hoe spreek je veroveren uit?
De uitspraak van veroveren is: /vərovərə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent veroveren?
Veroveren is een werkwoord. Het woord betekent: een gebied door een militaire operatie in zijn macht nemen. Deze pagina beschrijft 2 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je veroveren?
Je vervoegt veroveren als volgt: de tegenwoordige tijd is verover, de verleden tijd is veroverde en het voltooid deelwoord is veroverd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord veroveren is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. O 1
  5. V 4
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

veroveren levert met Wordfeud minimaal 17 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. O 1
  5. V 4
  6. E 1
  7. R 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 17 zonder bonus
  11. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

veroveren in het kort

veroveren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 2 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van veroveren zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort veroveren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

veroveren: een gebied door een militaire operatie in zijn macht nemen
Deel veroveren — standaardnederlands.nl