Naar de inhoud

verdokteren

geld uitgeven (verspillen) aan dokterskosten en medicijnen

verdokteren

werkwoord

Betekenis

  1. geld uitgeven (verspillen) aan dokterskosten en medicijnen

Vervoeging van verdokteren

verdokterenhele werkwoord — verdokterdeverleden tijd enkelvoud — verdokterdenverleden tijd meervoud — verdokterdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verdokter verdokterde
jij verdoktert verdokterde
hij, zij, het verdoktert verdokterde
wij verdokteren verdokterden
jullie verdokteren verdokterden
zij verdokteren verdokterden
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
had verdokterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verdokterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verdokterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verdokterd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verdokterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verdokterd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verdokterd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verdokterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verdokterd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verdokterd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verdokteren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verdokteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdokter gebiedende wijs
verdokterd verleden tijd, deelwoord
verdokterd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verdokterd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verdokterde verleden tijd
verdoktere aanvoegende wijs
verdokterend onvoltooid, deelwoord
zal verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt verdokterd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verdokteren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult verdokterd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verdokteren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Herkomst

afgeleid van dokteren met het voorvoegsel ver-

Woordfamilie van verdokteren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verdokter gebiedende wijs verdokteren
verdokterd voltooid deelwoord verdokteren
verdokterde verleden tijd verdokteren
verdokterden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon verdokteren
verdoktere aanvoegende wijs verdokteren
verdokterend onvoltooid deelwoord verdokteren
verdokterende woordvorm verdokteren
verdoktert aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verdokteren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verdokteren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verdokteren

Wat betekent verdokteren?
Verdokteren is een werkwoord. Het woord betekent: geld uitgeven (verspillen) aan dokterskosten en medicijnen.
Hoe vervoeg je verdokteren?
Je vervoegt verdokteren als volgt: de tegenwoordige tijd is verdokter, de verleden tijd is verdokterde en het voltooid deelwoord is verdokterd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verdokteren is 20 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. D 2
  5. O 1
  6. K 3
  7. T 2
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verdokteren levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. D 2
  5. O 1
  6. K 3
  7. T 2
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 zonder bonus
  13. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verdokteren in het kort

verdokteren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van verdokteren zijn 32 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verdokteren bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verdokteren: geld uitgeven (verspillen) aan dokterskosten en medicijnen
Deel verdokteren — standaardnederlands.nl