Naar de inhoud

verbieden

een bepaalde handeling strafbaar stellen.

verbieden

werkwoord /vǝɾ.'bi:.dǝ(n)/

Betekenis

  1. een bepaalde handeling strafbaar stellen.

Hoe spreek je verbieden uit?

/vǝɾˈbidǝn/

Verbieden bestaat uit één lettergreep.

De tekens in /vǝɾˈbidǝn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
v vis
b bak
i riet
d dak
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van verbieden

verbiedenhele werkwoord — verboodverleden tijd enkelvoud — verbodenverleden tijd meervoud — verbodenvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik verbied verbood
jij verbiedt verbood
hij, zij, het verbiedt verbood
wij verbieden verboden
jullie verbieden verboden
zij verbieden verboden
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben verboden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is verboden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was verboden impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd verboden impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt verboden impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal verboden worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal verboden zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou verboden worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou verboden zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had verboden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had verboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had verboden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden verboden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden verboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden verboden voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt verboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb verboden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verboden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben verboden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben verboden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft verboden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is verboden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben verboden actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te verbieden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen verbieden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verbied gebiedende wijs
verbiede aanvoegende wijs
verbiedend onvoltooid, deelwoord
verboden verleden tijd, deelwoord
verboden te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verboden te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
verboden te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verboden te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
verboden te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
verboden worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verboden zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
verboden zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verboden zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
verboden zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
verbood verleden tijd
waart verboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verboden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren verboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren verboden voltooid, verleden tijd, derde persoon
was verboden voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was verboden voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was verboden voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt verboden enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word verboden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden verboden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden verboden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden verboden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt verboden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt verboden enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal verboden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verboden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal verboden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal verboden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verboden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal verboden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal verboden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zijn verboden voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn verboden voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt verboden voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt verbieden aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt verboden hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verboden worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt verboden zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen verbieden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen verboden hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verboden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verboden hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verboden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen verboden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen verboden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen verboden zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen verboden zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen verboden zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult verbieden aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult verboden hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verboden worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult verboden zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

In de betekenis van ‘door een gebod ontzeggen’ voor het eerst aangetroffen in 1236

Woordfamilie van verbieden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
verbied gebiedende wijs verbieden
verbiede aanvoegende wijs verbieden
verbiedend onvoltooid deelwoord verbieden
verbiedende woordvorm verbieden
verbiedt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon verbieden
verbood verleden tijd verbieden
verboodt aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, enkelvoud, 2e persoon verbieden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van verbieden zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over verbieden

Hoe spreek je verbieden uit?
De uitspraak van verbieden is: /vǝɾ.'bi:.dǝ(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd.
Wat betekent verbieden?
Verbieden is een werkwoord. Het woord betekent: een bepaalde handeling strafbaar stellen.
Hoe vervoeg je verbieden?
Je vervoegt verbieden als volgt: de tegenwoordige tijd is verbied, de verleden tijd is verbood en het voltooid deelwoord is verboden. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord verbieden is 16 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. B 3
  5. I 1
  6. E 1
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 16 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

verbieden levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. V 4
  2. E 1
  3. R 2
  4. B 4
  5. I 2
  6. E 1
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 zonder bonus
  11. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (V) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

verbieden in het kort

verbieden staat in dit woordenboek als werkwoord. Van verbieden zijn 75 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort verbieden bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

verbieden: een bepaalde handeling strafbaar stellen.
Deel verbieden — standaardnederlands.nl