uitspatting
zelfstandig naamwoordBetekenis
- het uitspatten, buitensporig gedrag waarbij men zich te buiten gaat
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uitspattingen | meervoud |
| uitspattinkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| uitspattinkjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van uitspatten met het achtervoegsel -ing
Woordfamilie van uitspatting
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uitspattingen | meervoud | uitspatting |
| uitspattinkje | verkleinwoord | uitspatting |
| uitspattinkjes | verkleinwoord meervoud | uitspatting |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitspatting zijn vastgelegd.