uitschieter
zelfstandig naamwoordBetekenis
- een waarneming die niet bij de overige lijkt te passen
- iets of iemand die heel veel beter of slechter is dan de rest, een prestatie die heel veel beter of slechter is dan de resultaten die men gewoonlijk behaalt
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uitschieters | meervoud |
| uitschietertje | verkleinwoord, enkelvoud |
| uitschietertjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
Naamwoord van handeling van uitschieten met het achtervoegsel -er
Woordfamilie van uitschieter
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uitschieters | meervoud | uitschieter |
| uitschietertje | verkleinwoord | uitschieter |
| uitschietertjes | verkleinwoord meervoud | uitschieter |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitschieter zijn vastgelegd.