uitkijk
zelfstandig naamwoord, werkwoord ˈœytkɛikBetekenis
- plek waarvan men uitkijkt
Hoe spreek je uitkijk uit?
/ˈœytkɛik/
Uitkijk bestaat uit twee lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.
| Teken | Klinkt als in |
|---|---|
| œy | huis |
| t | tak |
| k | kat |
| ɛi | trein |
| ˈ | de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint |
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| uitkijken | meervoud |
| uitkijkje | verkleinwoord, enkelvoud |
| uitkijkjes | verkleinwoord, meervoud |
Woordvorm
- eerste persoon enkelvoud tegenwoordige tijd van uitkijken
Vervoeging van uitkijk
uitkijkhele werkwoord
Herkomst
samenstelling van uit en kijk ww
Woordfamilie van uitkijk
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| uitkijkje | verkleinwoord | uitkijk |
| uitkijkjes | verkleinwoord meervoud | uitkijk |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uitkijk zijn vastgelegd.