Naar de inhoud

uithongeren

lang ieder voedsel ontzeggen

uithongeren

werkwoord ˈœythɔŋərə(n)

Betekenis

  1. lang ieder voedsel ontzeggen

Hoe spreek je uithongeren uit?

/ˈœythɔŋərən/

Uithongeren bestaat uit vier lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈœythɔŋərən/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
œy huis
t tak
h hoed
ɔ bot
ŋ ding
ə de
r rood
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van uithongeren

uithongerenhele werkwoord — hongerde uitverleden tijd enkelvoud — hongerden uitverleden tijd meervoud — uitgehongerdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik honger uit hongerde uit
jij hongert uit hongerde uit
hij, zij, het hongert uit hongerde uit
wij hongeren uit hongerden uit
jullie hongeren uit hongerden uit
zij hongeren uit hongerden uit
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is uitgehongerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was uitgehongerd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd uitgehongerd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt uitgehongerd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal uitgehongerd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal uitgehongerd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou uitgehongerd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou uitgehongerd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had uitgehongerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had uitgehongerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had uitgehongerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden uitgehongerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden uitgehongerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden uitgehongerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt uitgehongerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben uitgehongerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
honger uit gebiedende wijs
hongerde uit verleden tijd
is uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben uitgehongerd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen uithongeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
uit te hongeren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
uit te zullen hongeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
uit zal hongeren bijzin, toekomende tijd
uit zou hongeren bijzin, voorwaardelijk
uit zouden hongeren bijzin, voorwaardelijk
uit zoudt hongeren bijzin, voorwaardelijk
uit zullen hongeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
uit zullen hongeren bijzin, toekomende tijd
uit zult hongeren bijzin, toekomende tijd
uitgehongerd verleden tijd, deelwoord
uitgehongerd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
uitgehongerd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
uitgehongerd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
uitgehongerd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
uitgehongerd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
uitgehongerd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
uitgehongerd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
uitgehongerd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
uitgehongerd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
uitgehongerd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
uithonger bijzin, tegenwoordige tijd
uithongerde bijzin, verleden tijd
uithongerden bijzin, verleden tijd
uithongerend onvoltooid, deelwoord
uithongert bijzin, tegenwoordige tijd
waart uitgehongerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren uitgehongerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren uitgehongerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren uitgehongerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was uitgehongerd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was uitgehongerd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was uitgehongerd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
word uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt uitgehongerd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal uitgehongerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal uitgehongerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal uithongeren bijzin, toekomende tijd
zijn uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt uitgehongerd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou uithongeren bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) uithongeren uit zou(dt) hongeren bijzin, voorwaardelijk
zouden uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden uithongeren bijzin, voorwaardelijk
zoudt uitgehongerd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt uitgehongerd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt uithongeren bijzin, voorwaardelijk
zullen uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen uitgehongerd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen uitgehongerd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen uitgehongerd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen uitgehongerd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen uithongeren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen uithongeren aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen uithongeren bijzin, toekomende tijd
zult uitgehongerd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van uit en hongeren

Woordfamilie van uithongeren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
honger uit gebiedende wijs uithongeren
hongerde uit verleden tijd uithongeren
hongerden uit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon uithongeren
hongere uit woordvorm uithongeren
hongeren uit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon uithongeren
hongert uit aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon uithongeren
uithonger subordinate-clause, tegenwoordige tijd uithongeren
uithongerde subordinate-clause, verleden tijd uithongeren
uithongerden subordinate-clause, verleden tijd uithongeren
uithongere with-subordinate-clause uithongeren
uithongerend onvoltooid deelwoord uithongeren
uithongerende woordvorm uithongeren
uithongert subordinate-clause, tegenwoordige tijd uithongeren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van uithongeren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over uithongeren

Hoe spreek je uithongeren uit?
De uitspraak van uithongeren is: /ˈœythɔŋərə(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent uithongeren?
Uithongeren is een werkwoord. Het woord betekent: lang ieder voedsel ontzeggen.
Hoe vervoeg je uithongeren?
Je vervoegt uithongeren als volgt: het voltooid deelwoord is uitgehongerd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord uithongeren is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. U 4
  2. I 1
  3. T 2
  4. H 4
  5. O 1
  6. N 1
  7. G 3
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

uithongeren levert met Wordfeud minimaal 20 en maximaal 84 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. U 2
  2. I 2
  3. T 2
  4. H 4
  5. O 1
  6. N 1
  7. G 3
  8. E 1
  9. R 2
  10. E 1
  11. N 1
  12. 20 zonder bonus
  13. 84 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (H) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

uithongeren in het kort

uithongeren staat in dit woordenboek als werkwoord. Van uithongeren zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort uithongeren bij een woordfamilie van 13 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

uithongeren: lang ieder voedsel ontzeggen
Deel uithongeren — standaardnederlands.nl