Naar de inhoud

tolken

gesproken- of gebarentaal terstond vertalen

tolken is meer dan één woord

tolken

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. gesproken- of gebarentaal terstond vertalen

Vervoeging van tolken

tolkenhele werkwoord — tolkteverleden tijd enkelvoud — tolktenverleden tijd meervoud — getolktvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik tolk tolkte
jij tolkt tolkte
hij, zij, het tolkt tolkte
wij tolken tolkten
jullie tolken tolkten
zij tolken tolkten
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is getolkt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was getolkt impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd getolkt impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt getolkt impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal getolkt worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal getolkt zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou getolkt worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou getolkt zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
getolkt verleden tijd, deelwoord
getolkt te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
getolkt zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had getolkt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had getolkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had getolkt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden getolkt voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden getolkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden getolkt voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt getolkt voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben getolkt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft getolkt voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben getolkt actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te tolken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen tolken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
tolk gebiedende wijs
tolke aanvoegende wijs
tolkend onvoltooid, deelwoord
tolkte verleden tijd
zal getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt getolkt hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt tolken aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen tolken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult getolkt hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult tolken aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord tolk

Woordfamilie van tolken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
getolkt voltooid deelwoord tolken
tolke aanvoegende wijs tolken
tolkend onvoltooid deelwoord tolken
tolkende woordvorm tolken
tolkt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon tolken
tolkte verleden tijd tolken
tolkten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon tolken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tolken zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over tolken

Wat betekent tolken?
Tolken is een werkwoord. Het woord betekent: gesproken- of gebarentaal terstond vertalen.
Hoe vervoeg je tolken?
Je vervoegt tolken als volgt: de tegenwoordige tijd is tolk, de verleden tijd is tolkte en het voltooid deelwoord is getolkt. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord tolken is 11 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. T 2
  2. O 1
  3. L 3
  4. K 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

tolken levert met Wordfeud minimaal 11 en maximaal 51 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. T 2
  2. O 1
  3. L 3
  4. K 3
  5. E 1
  6. N 1
  7. 11 zonder bonus
  8. 51 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (L) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

tolken telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

tolken in het kort

tolken is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Welke van de twee het is, hangt af van de zin. Van tolken zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort tolken bij een woordfamilie van 7 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

tolken: gesproken- of gebarentaal terstond vertalen
Deel tolken — standaardnederlands.nl