Naar de inhoud

toewijden

ergens met grote zorg aandacht aan besteden en zich voor geven

toewijden

werkwoord

Betekenis

  1. ergens met grote zorg aandacht aan besteden en zich voor geven
  2. ergens aan wijden
  3. tweede betekenisomschrijving
  4. enz.

Vervoeging van toewijden

toewijdenhele werkwoord — wijdde toeverleden tijd enkelvoud — wijdden toeverleden tijd meervoud — toegewijdvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik wijd toe wijdde toe
jij wijdt toe wijdde toe
hij, zij, het wijdt toe wijdde toe
wij wijden toe wijdden toe
jullie wijden toe wijdden toe
zij wijden toe wijdden toe
Alle 145 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
- impersonal, passief
ben toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
bent toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
er is toegewijd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was toegewijd impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd toegewijd impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt toegewijd impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal toegewijd worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal toegewijd zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou toegewijd worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou toegewijd zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had toegewijd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had toegewijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had toegewijd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden toegewijd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden toegewijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden toegewijd voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt toegewijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben toegewijd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
is toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
is toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben toegewijd actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen toewijden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
toe te wijden actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
toe te zullen wijden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
toe zal wijden bijzin, toekomende tijd
toe zou wijden bijzin, voorwaardelijk
toe zouden wijden bijzin, voorwaardelijk
toe zoudt wijden bijzin, voorwaardelijk
toe zullen wijden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
toe zullen wijden bijzin, toekomende tijd
toe zult wijden bijzin, toekomende tijd
toegewijd verleden tijd, deelwoord
toegewijd te worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
toegewijd te zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
toegewijd te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
toegewijd te zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
toegewijd te zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
toegewijd worden infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
toegewijd zijn infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
toegewijd zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
toegewijd zullen worden infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
toegewijd zullen zijn infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
toewijd bijzin, tegenwoordige tijd
toewijdde bijzin, verleden tijd
toewijdden bijzin, verleden tijd
toewijdend onvoltooid, deelwoord
toewijdt bijzin, tegenwoordige tijd
waart toegewijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren toegewijd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
waren toegewijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
waren toegewijd voltooid, verleden tijd, derde persoon
was toegewijd voltooid, verleden tijd, eerste persoon
was toegewijd voltooid, verleden tijd, tweede persoon
was toegewijd voltooid, verleden tijd, derde persoon
werd toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon
werd toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon
werd toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
werden toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon
werden toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon
werden toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon
werdt toegewijd enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon
wijd toe gebiedende wijs
wijdde toe verleden tijd
word toegewijd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
worden toegewijd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon
worden toegewijd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon
worden toegewijd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
wordt toegewijd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon
wordt toegewijd enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zal toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zal toegewijd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal toegewijd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal toewijden bijzin, toekomende tijd
zijn toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
zijn toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zijn toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
zijt toegewijd voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
zou toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zou toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou toewijden bijzin, voorwaardelijk
zou(dt) toewijden toe zou(dt) wijden bijzin, voorwaardelijk
zouden toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden toewijden bijzin, voorwaardelijk
zoudt toegewijd hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt toegewijd zijn voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt toewijden bijzin, voorwaardelijk
zullen toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen toegewijd worden enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen toegewijd zijn voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen toegewijd zijn voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen toegewijd zijn voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen toewijden actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen toewijden aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen toewijden bijzin, toekomende tijd
zult toegewijd hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon

Herkomst

samenstelling van toe bw en wijden ww

Woordfamilie van toewijden

Woordvorm Relatie Afgeleid van
toewijd subordinate-clause, tegenwoordige tijd toewijden
toewijdde subordinate-clause, verleden tijd toewijden
toewijdden subordinate-clause, verleden tijd toewijden
toewijde with-subordinate-clause toewijden
toewijdend onvoltooid deelwoord toewijden
toewijdende woordvorm toewijden
toewijdt subordinate-clause, tegenwoordige tijd toewijden
wijd toe gebiedende wijs toewijden
wijdde toe verleden tijd toewijden
wijdden toe aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon toewijden
wijde toe woordvorm toewijden
wijden toe aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon toewijden
wijdt toe aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon toewijden

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van toewijden zijn vastgelegd.

Afleidingen en samenstellingen

Veelgestelde vragen over toewijden

Wat betekent toewijden?
Toewijden is een werkwoord. Het woord betekent: ergens met grote zorg aandacht aan besteden en zich voor geven. Deze pagina beschrijft 4 betekenissen op deze pagina.
Hoe vervoeg je toewijden?
Je vervoegt toewijden als volgt: het voltooid deelwoord is toegewijd. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord toewijden is 18 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. T 2
  2. O 1
  3. E 1
  4. W 5
  5. I 1
  6. J 4
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 18 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

toewijden levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 87 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. T 2
  2. O 1
  3. E 1
  4. W 5
  5. I 2
  6. J 4
  7. D 2
  8. E 1
  9. N 1
  10. 19 zonder bonus
  11. 87 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (W) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

toewijden in het kort

toewijden staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven staan 4 omschrijvingen, elk met de woordsoort waar hij bij hoort. Van toewijden zijn 88 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort toewijden bij een woordfamilie van 13 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

toewijden: ergens met grote zorg aandacht aan besteden en zich voor geven
Deel toewijden — standaardnederlands.nl