Naar de inhoud

terugdenken

in herinnering oproepen

terugdenken

werkwoord

Betekenis

  1. in herinnering oproepen

Vervoeging van terugdenken

terugdenkenhele werkwoord — dacht terugverleden tijd enkelvoud — dachten terugverleden tijd meervoud — teruggedachtvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik denk terug dacht terug
jij denkt terug dacht terug
hij, zij, het denkt terug dacht terug
wij denken terug dachten terug
jullie denken terug dachten terug
zij denken terug dachten terug
Alle 82 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
dacht terug verleden tijd
denk terug gebiedende wijs
er is teruggedacht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was teruggedacht impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd teruggedacht impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt teruggedacht impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal teruggedacht worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal teruggedacht zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou teruggedacht worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou teruggedacht zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
had teruggedacht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had teruggedacht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had teruggedacht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden teruggedacht voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden teruggedacht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden teruggedacht voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt teruggedacht voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben teruggedacht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft teruggedacht voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben teruggedacht actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen terugdenken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terug te denken actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
terug te zullen denken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
terug zal denken bijzin, toekomende tijd
terug zou denken bijzin, voorwaardelijk
terug zouden denken bijzin, voorwaardelijk
terug zoudt denken bijzin, voorwaardelijk
terug zullen denken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
terug zullen denken bijzin, toekomende tijd
terug zult denken bijzin, toekomende tijd
terugdacht bijzin, verleden tijd
terugdachten bijzin, verleden tijd
terugdenk bijzin, tegenwoordige tijd
terugdenkend onvoltooid, deelwoord
terugdenkt bijzin, tegenwoordige tijd
teruggedacht verleden tijd, deelwoord
teruggedacht te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
teruggedacht zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
zal terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zal terugdenken bijzin, toekomende tijd
zal teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zou terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zou terugdenken bijzin, voorwaardelijk
zou teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou(dt) terugdenken terug zou(dt) denken bijzin, voorwaardelijk
zouden terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zouden terugdenken bijzin, voorwaardelijk
zouden teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zoudt terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zoudt terugdenken bijzin, voorwaardelijk
zoudt teruggedacht hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zullen terugdenken actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zullen terugdenken bijzin, toekomende tijd
zullen teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zult terugdenken aantonende wijs, onvoltooid, hoofdzin, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zult terugdenken bijzin, toekomende tijd
zult teruggedacht hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult/zal terugdenken terug zult/zal denken bijzin, toekomende tijd

Herkomst

samenstelling van terug bw en denken ww

Woordfamilie van terugdenken

Woordvorm Relatie Afgeleid van
dacht terug verleden tijd terugdenken
dachten terug aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, verleden tijd, meervoud, 1e persoon terugdenken
denk terug gebiedende wijs terugdenken
denke terug woordvorm terugdenken
denken terug aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, meervoud, 1e persoon terugdenken
denkt terug aantonende wijs, onvoltooid, main-clause, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon terugdenken
terugdacht subordinate-clause, verleden tijd terugdenken
terugdachten subordinate-clause, verleden tijd terugdenken
terugdenk subordinate-clause, tegenwoordige tijd terugdenken
terugdenke with-subordinate-clause terugdenken
terugdenkend onvoltooid deelwoord terugdenken
terugdenkende woordvorm terugdenken
terugdenkt subordinate-clause, tegenwoordige tijd terugdenken
teruggedacht voltooid deelwoord terugdenken

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van terugdenken zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over terugdenken

Wat is de betekenis van terugdenken?
Terugdenken is een werkwoord. De betekenis is: in herinnering oproepen.
Hoe vervoeg ik terugdenken?
Zo vervoeg je terugdenken zo: het voltooid deelwoord is teruggedacht. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Scrabble punten

Naar spel

Het woord terugdenken is 21 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. T 2
  2. E 1
  3. R 2
  4. U 4
  5. G 3
  6. D 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. K 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 21 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

terugdenken levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 75 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. T 2
  2. E 1
  3. R 2
  4. U 2
  5. G 3
  6. D 2
  7. E 1
  8. N 1
  9. K 3
  10. E 1
  11. N 1
  12. 19 zonder bonus
  13. 75 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (G) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

terugdenken in het kort

terugdenken staat in dit woordenboek als werkwoord. Van terugdenken staan er 53 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort terugdenken bij een woordfamilie van 14 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

terugdenken: in herinnering oproepen
Deel terugdenken — standaardnederlands.nl