Naar de inhoud

tempeesten

stormen

tempeesten

werkwoord, zelfstandig naamwoord

Betekenis

  1. stormen
  2. ruzie maken

Vervoeging van tempeesten

tempeestenhele werkwoord

Vervoeging van tempeesten

tempeestenhele werkwoord — tempeestteverleden tijd enkelvoud — tempeesttenverleden tijd meervoud — getempeestvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik tempeest tempeestte
jij tempeest tempeestte
hij, zij, het tempeest tempeestte
wij tempeesten tempeestten
jullie tempeesten tempeestten
zij tempeesten tempeestten
Alle 55 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
ev. gebiedende wijs
getempeest verleden tijd, deelwoord
getempeest te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
getempeest zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had getempeest voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had getempeest voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had getempeest voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden getempeest voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden getempeest voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden getempeest voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt getempeest voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben getempeest actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft getempeest voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
te hebben getempeest actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te tempeesten actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen tempeesten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
tempeest gebiedende wijs
tempeeste aanvoegende wijs
tempeestend onvoltooid, deelwoord
tempeestte verleden tijd
zal getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt getempeest hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen tempeesten actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult getempeest hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult tempeesten aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordvorm

  • meervoud van het zelfstandig naamwoord tempeest

Herkomst

afleiding van tempeest

Woordfamilie van tempeesten

Woordvorm Relatie Afgeleid van
getempeest voltooid deelwoord tempeesten
tempeeste aanvoegende wijs tempeesten
tempeestend onvoltooid deelwoord tempeesten
tempeestende woordvorm tempeesten
tempeestte verleden tijd tempeesten
tempeestten aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon tempeesten

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van tempeesten zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over tempeesten

Wat is de betekenis van tempeesten?
Tempeesten is een werkwoord. De betekenis is: stormen. In totaal staan er 2 betekenissen.
Hoe vervoeg ik tempeesten?
Zo vervoeg je tempeesten zo: de tegenwoordige tijd is tempeest, de verleden tijd is tempeestte en het voltooid deelwoord is getempeest. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord tempeesten is 17 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. T 2
  2. E 1
  3. M 3
  4. P 3
  5. E 1
  6. E 1
  7. S 2
  8. T 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 17 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

tempeesten levert met Wordfeud minimaal 18 en maximaal 78 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. T 2
  2. E 1
  3. M 3
  4. P 4
  5. E 1
  6. E 1
  7. S 2
  8. T 2
  9. E 1
  10. N 1
  11. 18 zonder bonus
  12. 78 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (P) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

tempeesten in het kort

tempeesten is zowel werkwoord als zelfstandig naamwoord. Wat het is, hangt af van de zin. Hierboven vind je 2 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van tempeesten staan er 31 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort tempeesten bij een woordfamilie van 6 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

tempeesten: stormen
Deel tempeesten — standaardnederlands.nl