Naar de inhoud

staffelen

rente berekenen met behulp van de staffelmethode

staffelen

werkwoord /ˈstɑfələ(n)/

Betekenis

  1. rente berekenen met behulp van de staffelmethode

Hoe spreek je staffelen uit?

/ˈstɑfələn/

Staffelen bestaat uit drie lettergrepen. De klemtoon ligt op de eerste.

De tekens in /ˈstɑfələn/ en een woord waarin dezelfde klank staat.
Teken Klinkt als in
s sok
t tak
ɑ bad
f fiets
ə de
l land
n nek
ˈ de klemtoon ligt op de lettergreep die hierna begint

Vervoeging van staffelen

staffelenhele werkwoord — staffeldeverleden tijd enkelvoud — staffeldenverleden tijd meervoud — gestaffeldvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik staffel staffelde
jij staffelt staffelde
hij, zij, het staffelt staffelde
wij staffelen staffelden
jullie staffelen staffelden
zij staffelen staffelden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gestaffeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gestaffeld impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gestaffeld impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gestaffeld impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gestaffeld worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gestaffeld zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gestaffeld worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gestaffeld zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gestaffeld verleden tijd, deelwoord
gestaffeld te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gestaffeld zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gestaffeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gestaffeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gestaffeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gestaffeld voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gestaffeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gestaffeld voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gestaffeld voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestaffeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gestaffeld voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
staffel gebiedende wijs
staffelde verleden tijd
staffele aanvoegende wijs
staffelend onvoltooid, deelwoord
te hebben gestaffeld actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te staffelen actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen staffelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gestaffeld hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt staffelen aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen staffelen actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gestaffeld hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult staffelen aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van staffelen

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gestaffeld voltooid deelwoord staffelen
gestaffelde woordvorm staffelen
staffelde verleden tijd staffelen
staffelden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon staffelen
staffele aanvoegende wijs staffelen
staffelend onvoltooid deelwoord staffelen
staffelende woordvorm staffelen
staffelt aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon staffelen

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van staffelen zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over staffelen

Hoe spreek je staffelen uit?
De uitspraak van staffelen is: /ˈstɑfələ(n)/. Dit is het internationaal fonetisch alfabet, waarmee elke klank apart wordt genoteerd. Het teken ˈ geeft de klemtoon aan: de nadruk valt op de eerste lettergreep.
Wat betekent staffelen?
Staffelen is een werkwoord. Het woord betekent: rente berekenen met behulp van de staffelmethode.
Hoe vervoeg je staffelen?
Je vervoegt staffelen als volgt: de tegenwoordige tijd is staffel, de verleden tijd is staffelde en het voltooid deelwoord is gestaffeld. De volledige vervoeging staat in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord staffelen is 19 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. T 2
  3. A 1
  4. F 4
  5. F 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 19 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

staffelen levert met Wordfeud minimaal 19 en maximaal 81 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. T 2
  3. A 1
  4. F 4
  5. F 4
  6. E 1
  7. L 3
  8. E 1
  9. N 1
  10. 19 zonder bonus
  11. 81 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (F) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

staffelen in het kort

staffelen staat in dit woordenboek als werkwoord. Van staffelen zijn 40 vormen vastgelegd; die staan in de tabel op deze pagina. Verder hoort staffelen bij een woordfamilie van 8 woorden, gebaseerd op vastgelegde woordvormrelaties.

staffelen: rente berekenen met behulp van de staffelmethode
Deel staffelen — standaardnederlands.nl