rookdetector
zelfstandig naamwoordBetekenis
- speciaal apparaat, meestal aan het plafond bevestigd, dat alarm slaat bij rookontwikkeling
Verbuiging en vervoeging (zelfstandig naamwoord)
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| rookdetectoren | meervoud |
| rookdetectors | meervoud |
| rookdetectortje | verkleinwoord, enkelvoud |
| rookdetectortjes | verkleinwoord, meervoud |
Herkomst
samenstelling van rook en detector
Woordfamilie van rookdetector
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| rookdetectoren | meervoud | rookdetector |
| rookdetectors | meervoud | rookdetector |
| rookdetectortje | verkleinwoord | rookdetector |
| rookdetectortjes | verkleinwoord meervoud | rookdetector |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van rookdetector zijn vastgelegd.