spenen
werkwoord, zelfstandig naamwoordBetekenis
- van het zogen onafhankelijk maken
- tweede betekenisomschrijving
- enz.
Vervoeging van spenen
spenenhele werkwoord — speendeverleden tijd enkelvoud — speendenverleden tijd meervoud — gespeendvoltooid deelwoord
| Persoon | Tegenwoordige tijd | Verleden tijd |
|---|---|---|
| ik | speen | speende |
| jij | speent | speende |
| hij, zij, het | speent | speende |
| wij | spenen | speenden |
| jullie | spenen | speenden |
| zij | spenen | speenden |
Alle 126 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
| Vorm | Grammaticale informatie |
|---|---|
| - | impersonal, passief |
| ben gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| bent gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| er is gespeend | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid |
| er was gespeend | impersonal, passief, verleden tijd, voltooid |
| er werd gespeend | impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid |
| er wordt gespeend | impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid |
| er zal gespeend worden | impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid |
| er zal gespeend zijn | impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid |
| er zou gespeend worden | impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid |
| er zou gespeend zijn | impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid |
| ev. | gebiedende wijs |
| gespeend | verleden tijd, deelwoord |
| gespeend te worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gespeend te zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| gespeend te zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gespeend te zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gespeend te zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| gespeend worden | infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gespeend zijn | infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| gespeend zullen hebben | actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gespeend zullen worden | infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| gespeend zullen zijn | infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| had gespeend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| had gespeend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| had gespeend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadden gespeend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| hadden gespeend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| hadden gespeend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| hadt gespeend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| heb gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gespeend | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm |
| hebben gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| hebben gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| hebben gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| hebt gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| heeft gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| is gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| is gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| speen | gebiedende wijs |
| speende | verleden tijd |
| spene | aanvoegende wijs |
| spenend | onvoltooid, deelwoord |
| te hebben gespeend | actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te spenen | actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm |
| te zullen spenen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm |
| waart gespeend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gespeend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| waren gespeend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| waren gespeend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| was gespeend | voltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| was gespeend | voltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| was gespeend | voltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werd gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, eerste persoon |
| werd gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, derde persoon |
| werd gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| werden gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, eerste persoon |
| werden gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, tweede persoon |
| werden gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, derde persoon |
| werdt gespeend | enkelvoud, onvoltooid, verleden tijd, tweede persoon |
| word gespeend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| worden gespeend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, eerste persoon |
| worden gespeend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, tweede persoon |
| worden gespeend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| wordt gespeend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, meervoud, derde persoon |
| wordt gespeend | enkelvoud, onvoltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zal gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zal gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zal gespeend zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zal gespeend zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zal spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon |
| zal spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
| zal spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon |
| zijn gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon |
| zijn gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zijn gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon |
| zijt gespeend | voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon |
| zou gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zou gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zou gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zou gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zou spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon |
| zou spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zou spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon |
| zouden gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon |
| zouden gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zouden gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, derde persoon |
| zouden spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon |
| zouden spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon |
| zouden spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon |
| zoudt gespeend hebben | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt gespeend zijn | voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon |
| zoudt spenen | aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon |
| zullen gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen gespeend zijn | voltooid, toekomende tijd, eerste persoon |
| zullen gespeend zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zullen gespeend zijn | voltooid, toekomende tijd, derde persoon |
| zullen spenen | actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm |
| zullen spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon |
| zullen spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon |
| zullen spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon |
| zult gespeend hebben | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gespeend worden | enkelvoud, onvoltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult gespeend zijn | voltooid, toekomende tijd, tweede persoon |
| zult spenen | aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon |
Woordvorm
- meervoud van het zelfstandig naamwoord speen
Herkomst
In de betekenis van ‘van de borst nemen’ voor het eerst aangetroffen in het jaar 1285
Woordfamilie van spenen
| Woordvorm | Relatie | Afgeleid van |
|---|---|---|
| speende | verleden tijd | spenen |
| speenden | aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon | spenen |
| speent | aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon | spenen |
| spene | aanvoegende wijs | spenen |
| spenend | onvoltooid deelwoord | spenen |
| spenende | woordvorm | spenen |
Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van spenen zijn vastgelegd.