Naar de inhoud

scoren

een doelpunt maken

scoren

werkwoord

Betekenis

  1. een doelpunt maken
  2. een succes behalen
  3. aan de haak te slaan
  4. erin slagen met iemand seks te hebben

werkwoord

  1. een doelpunt maken (met name tijdens een voetbalwedstrijd)
  2. erin slagen iemand te versieren, aan de haak te slaan informal

Vervoeging van scoren

scorenhele werkwoord — scoordeverleden tijd enkelvoud — scoordenverleden tijd meervoud — gescoordvoltooid deelwoord

Persoon Tegenwoordige tijd Verleden tijd
ik scoor scoorde
jij scoort scoorde
hij, zij, het scoort scoorde
wij scoren scoorden
jullie scoren scoorden
zij scoren scoorden
Alle 63 overige vormen: lijdende vorm, toekomende tijd en infinitiefconstructies
Vorm Grammaticale informatie
er is gescoord impersonal, passief, tegenwoordige tijd, voltooid
er was gescoord impersonal, passief, verleden tijd, voltooid
er werd gescoord impersonal, passief, verleden tijd, onvoltooid
er wordt gescoord impersonal, passief, tegenwoordige tijd, onvoltooid
er zal gescoord worden impersonal, passief, toekomende tijd, onvoltooid
er zal gescoord zijn impersonal, passief, toekomende tijd, voltooid
er zou gescoord worden impersonal, passief, voorwaardelijk, onvoltooid
er zou gescoord zijn impersonal, passief, voorwaardelijk, voltooid
ev. gebiedende wijs
gescoord verleden tijd, deelwoord
gescoord te zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, lange vorm
gescoord zullen hebben actief, infinitief, voltooid, toekomende tijd, korte vorm
had gescoord voltooid, verleden tijd, eerste persoon
had gescoord voltooid, verleden tijd, tweede persoon
had gescoord voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadden gescoord voltooid, verleden tijd, eerste persoon
hadden gescoord voltooid, verleden tijd, tweede persoon
hadden gescoord voltooid, verleden tijd, derde persoon
hadt gescoord voltooid, verleden tijd, tweede persoon
heb gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gescoord actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, korte vorm
hebben gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, eerste persoon
hebben gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
hebben gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
hebt gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, tweede persoon
heeft gescoord voltooid, tegenwoordige tijd, derde persoon
scoor gebiedende wijs
scoorde verleden tijd
score aanvoegende wijs
scorend onvoltooid, deelwoord
te hebben gescoord actief, infinitief, voltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te scoren actief, infinitief, onvoltooid, tegenwoordige tijd, lange vorm
te zullen scoren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, lange vorm
zal gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zal gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zal gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zal scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, eerste persoon
zal scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon
zal scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, derde persoon
zou gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zou gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zou gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zou scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, eerste persoon
zou scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zou scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, derde persoon
zouden gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, eerste persoon
zouden gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zouden gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, derde persoon
zouden scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, eerste persoon
zouden scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, tweede persoon
zouden scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, meervoud, derde persoon
zoudt gescoord hebben voltooid, voorwaardelijk, tweede persoon
zoudt scoren aantonende wijs, onvoltooid, voorwaardelijk, enkelvoud, tweede persoon
zullen gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, eerste persoon
zullen gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zullen gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, derde persoon
zullen scoren actief, infinitief, onvoltooid, toekomende tijd, korte vorm
zullen scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, eerste persoon
zullen scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, tweede persoon
zullen scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, meervoud, derde persoon
zult gescoord hebben voltooid, toekomende tijd, tweede persoon
zult scoren aantonende wijs, onvoltooid, toekomende tijd, enkelvoud, tweede persoon

Woordfamilie van scoren

Woordvorm Relatie Afgeleid van
gescoord voltooid deelwoord scoren
gescoorde woordvorm scoren
scoor gebiedende wijs scoren
scoorde verleden tijd scoren
scoorden aantonende wijs, onvoltooid, verleden tijd, meervoud, 1e persoon scoren
scoort aantonende wijs, onvoltooid, tegenwoordige tijd, enkelvoud, 2e persoon scoren
scorend onvoltooid deelwoord scoren
scorende woordvorm scoren

Deze woordfamilie bestaat uitsluitend uit vormen die expliciet als vorm van scoren zijn vastgelegd.

Veelgestelde vragen over scoren

Wat is de betekenis van scoren?
Scoren is een werkwoord. De betekenis is: een doelpunt maken. In totaal staan er 6 betekenissen.
Hoe vervoeg ik scoren?
Zo vervoeg je scoren zo: de tegenwoordige tijd is scoor, de verleden tijd is scoorde en het voltooid deelwoord is gescoord. Alle vormen staan in de tabel op deze pagina.

Spellen

Scrabble punten

Naar spel

Het woord scoren is 12 punten waard met Scrabble, zonder bonusvakjes meegerekend.

  1. S 2
  2. C 5
  3. O 1
  4. R 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 totaal

Wordfeud punten

Naar spel

scoren levert met Wordfeud minimaal 12 en maximaal 66 punten op. Wat het precies wordt, hangt af van de bonusvakjes waarop het woord komt te liggen.

  1. S 2
  2. C 5
  3. O 1
  4. R 2
  5. E 1
  6. N 1
  7. 12 zonder bonus
  8. 66 met bonus

Het minimum is de som van de stenen, zonder bonusvakje. Het maximum telt de duurste letter (C) op een drieletterbonus mee en het hele woord op een driewoordbonus.

scoren telt 6 letters, waarvan 6 verschillende. Hoe meer verschillende letters een gok heeft, hoe meer woorden hij wegstreept.

Dit woordenboek kent 13.213 woorden van 6 letters. Dat is het speelveld waar een Woordle van deze lengte uit put.

Met de Woordle helper vul je de kleuren van je pogingen in en zie je welke woorden nog passen.

scoren in het kort

scoren staat in dit woordenboek als werkwoord. Hierboven vind je 6 betekenissen, met daarbij de bijbehorende woordsoort. Van scoren staan er 40 woordvormen vastgelegd; de tabel op deze pagina laat ze zien. Daarnaast hoort scoren bij een woordfamilie van 8 verwante woorden, bepaald aan de hand van vastgelegde woordvormrelaties.

scoren: een doelpunt maken
Deel scoren — standaardnederlands.nl